Paragraaf 6 Lokale heffingen

Inhoud

Inleiding

Deze paragraaf geeft inzicht in de heffingen van de gemeente. Hierbij gaat het zowel om de gebonden als de ongebonden heffingen. Van gebonden heffingen is het bestedingsdoel wettelijk bepaald, bijvoorbeeld van de afvalstoffenheffing. Van ongebonden heffingen is het bestedingsdoel niet wettelijk bepaald, bijvoorbeeld van de OZB, de onroerendezaakbelasting. De baten en lasten van de ongebonden heffingen maken ook deel uit van het programma Algemene dekking en onvoorzien. De baten en lasten van de gebonden heffingen zijn meegenomen in de desbetreffende programma’s.

De lokale heffingen vormen een belangrijke bron van inkomsten voor de gemeente. Deels dienen ze als algemeen dekkingsmiddel voor de gemeentelijke uitgaven, deels ter verrekening van de kosten van de specifieke dienstverlening. Wageningen kent de volgende lokale heffingen:

Ongebonden:

  • Onroerendezaakbelastingen (OZB)
  • Hondenbelasting
  • Parkeerbelastingen
  • Precariobelasting (bovengronds)
  • Precariobelasting (voor kabels en leidingen)
  • (Water)toeristenbelasting
  • Reclamebelasting

Gebonden:

  • Afvalstoffenheffing
  • Rioolheffing
  • Leges
  • Scheepvaartrechten
  • Veergelden
  • Begraafrechten
  • Marktgelden

Voor diverse heffingen voert de gemeente een kwijtscheldingsbeleid voor de minima.

Belastinggrondslag

Jaarlijks stelt de gemeenteraad de tarieven voor de lokale heffingen vast in de belastingverordeningen. In de raadsvergadering van 13 november 2018 zijn de belastingverordeningen voor 2019 vastgesteld.

Na de raadsvergadering van 13 november 2018 is de volgende verordening voor 2019 gewijzigd:

  • De verordening onroerende zaakbelastingen 2019 is op 28 januari 2019 door de raad gewijzigd, wegens aanpassing van de tarieven aan de waardeontwikkeling van de panden.

Belastingopbrengsten

De belastingopbrengsten per belasting zijn in onderstaande tabel weergegeven.

Programma Opbrengst (x € 1.000) Rekening 2018 Begroting 2019 Rekening 2019 Verschil 2019
1 Veergelden 612 676 657 -19
1 Parkeerbelasting 1.059 1.072 1.144 72
2 Marktgelden 83 86 80 -7
2 Scheepvaartrechten 480 456 459 3
3 Begraafrechten 472 401 535 134
4 Afvalstoffenheffing 3.898 4.036 4.055 19
4 Rioolheffing 2.939 2.310 2.515 206
12 OZB 9.727 10.143 10.642 499
12 Hondenbelasting 171 179 170 -9
12 Toeristenbelastingen 167 174 185 11
12 Precariobelastingen 1.616 1.600 1.587 -13
12 Reclamebelasting 114 119 97 -22
2, 3, 8, 9 en 11 Leges 1.395 1.649 1.869 220
Totaal 22.733 22.901 23.994 1.093

 

De totale werkelijke opbrengst is 4,8% hoger dan begroot. Tussen de diverse belastingen zijn er wel positieve en negatieve verschillen in de resultaten. De verschillen boven de € 25.000 worden hieronder kort toegelicht.

Parkeerbelasting

De parkeerbelasting viel in 2019 € 72.000 hoger uit dan begroot. De oorzaak hiervan zijn de meeropbrengsten van heffingen (parkeerautomaten) en leges (vergunningen).

Begraafrechten

Naar aanleiding van de herinrichting van de begraafplaats en de uitgifte van nieuwe diensten zien we in 2019  € 134.000 meer opbrengsten dan begroot.

Afvalstoffenheffing

De Afvalstoffenheffing heeft € 19.000 meer opgebracht dan begroot was. Dit is geen significante afwijking ten opzichte van de begroting.

Rioolheffing

De Rioolheffing heeft € 206.000 meer opgebracht dan begroot,  onder andere veroorzaakt door een toename van het aantal objecten, het uitvoeren van bestandscontroles en de aanpassing van contracten met Idealis.

OZB

De opbrengst onroerendezaakbelasting is  € 499.000 hoger dan begroot . Dit heeft te maken met de inhaalacties die hebben plaatsgevonden om OZB over voorgaande jaren op te leggen. Daarnaast zijn er twee grote nieuwe projecten voltooid met een gezamenlijke waarde van 70 miljoen.

Leges

Het verschil aan inkomsten bij de leges van € 220.000 wordt met name verklaard door de hogere opbrengst bij de leges voor bouwvergunningen. Aan leges bouwvergunningen en zonnevelden is € 192.000 meer ontvangen dan begroot. De opbrengst valt met name door een aantal grotere bouwplannen hoger uit. Als voorbeeld kunnen genoemd worden Kortenoord uitbreidingsplan (€ 356.000), WUR lesgebouw  € 356.000), parkeergarage op de Campus (€ 70.000) en de locatie Geertjesweg/Nobelweg Monuta (€ 64.000).

Kwijtschelding

Op basis van een inkomen van 100% van de bijstandsnorm verleent de gemeente kwijtschelding voor de afvalstoffenheffing (eerste set containers), de rioolheffing en de hondenbelasting (1e hond). Daarnaast kunnen inwoners in aanmerking komen voor een vergoeding voor de aanschaf van een nationaal paspoort, een zakenpaspoort, een reisdocument voor vluchtelingen, een reisdocument voor vreemdelingen of een Nederlandse identiteitskaart. De verleende kwijtscheldingen zagen er als volgt uit:

  Rekening 2018 Rekening 2019
Onderdeel Aantal huishoudens Bedrag x € 1.000 Aantal huishoudens Bedrag x € 1.000
Afvalstoffenheffing 1256 240 989 201
Rioolheffing 1257 171 995 116
Hondenbelasting 98 8 109 9
Paspoort / id-kaart etc. 82 6 55 3
Precariocompensatie - - 1296 100

Kostendekkendheid heffingen

Sinds de begroting 2017 moet een onderbouwing gegeven worden van de mate van kostendekkendheid van de gebonden heffingen en de daarbij gehanteerde uitgangspunten. Uitgangspunt bij de heffingen in Wageningen is al jaren dat iedere heffing 100% kostendekkend is. Bij de afvalstoffen- en rioolheffing is dat bovendien inclusief de kosten van de kwijtschelding. We geven hieronder de onderbouwing.

Voor de overhead geldt het volgende: de directe uren worden verhoogd met een opslagpercentage. Het opslag-percentage wordt bepaald door de verhouding indirecte/directe kosten van de totale apparaatskosten. Dit percentage bedraagt 92%.

Opbrengst (x € 1.000) Afvalstoffen- heffing Riool- heffing Veer- gelden Begraaf- rechten Markt- gelden Scheepvaart- recht
Kosten taakveld(en) incl. (omslag) rente 4.144 2.044 675 444 108 413
Inkomsten taakveld(en) excl. Heffingen 823 1 20
Netto kosten taakveld 3.321 2.043 675 424 108 413
Overhead incl. (omslag) rente 346 333 365 209 46 46
BTW 771 139
Totaal toe te rekenen kosten 4.438 2.515 1.040 632 154 459
Opbrengst heffingen 4.055 2.515 657 532 80 459
Dekking 91% 100% 63% 84% 52% 100%

 

Voor de leges geldt wettelijk dat het totaal van de gehele verordening ten hoogste kostendekkend mag zijn. Het beleid van Wageningen is echter dat de verordening per titel van de verordening kostendekkend moet zijn, een inperking dus van de wettelijke ruimte. Hieronder geven we de kostendekkendheid per titel aan.

Opbrengst (x € 1.000) Titel 1 Titel 2 Titel 3
Kosten taakveld(en) incl. (omslag) rente 1.042 1.255 322
Inkomsten taakveld(en) excl. Heffingen 94 166
Netto kosten taakveld 948 1.089 322
Overhead incl. (omslag) rente 606 186 263
BTW
Totaal toe te rekenen kosten 1.553 1.275 586
Opbrengst heffingen 488 1.282 30
Dekking 31% 101% 5%

Belastingdruk

Er zijn verschillende organisaties die met regelmaat de ontwikkeling van de lokale lasten volgen. Een van de meest neutrale en consistente onderzoeken is het jaarlijkse onderzoek van het COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden).

Voor een meerpersoonshuishouden waarvan de bewoners tevens eigenaar van de woning zijn, komt Wageningen in de Atlas van de lokale lasten 2019 van het COELO binnen de provincie Gelderland op de 29e plaats. In de tabel zijn de woonlasten voor de eerste 29 gemeenten opgenomen.

Nr Gemeente € per huishouden Rangnummer landelijk
1 Overbetuwe 555 2
2 Aalten 558 3
3 Nijkerk 588 10
4 Putten 594 13
5 Nunspeet 602 17
6 Oost Gelre 639 30
7 Harderwijk 651 39
8 Zutphen 657 47
9 Wijchen 667 57
10 Epe 679 68
11 Ede 685 75
12 Druten 687 77
13 Elburg 688 81
14 Rheden 695 89
15 Doetinchem 704 95
16 Berg en Dal 708 99
17 Apeldoorn 711 103
18 Ermelo 732 133
19 Duiven 733 138
20 Oldebroek 736 148
21 Nijmegen 737 149
22 Zevenaar/Rijnwaarden 737 150
23 Zevenaar/Zevenaar 737 150
24 Brummen 743 161
25 Tiel 744 164
26 Oude Ijsselstreek 747 167
27 Hattem 751 173
28 Voorst 756 186
29 Wageningen 758 192

 

Ontwikkeling landelijk rangnummer

In onderstaande grafiek is de positie van Wageningen aangegeven op de landelijke ranglijst ten opzichte van de gemeente met de hoogste positie. Omdat het totale aantal gemeenten in Nederland langzaam afneemt, dalen hoge posities automatisch. Vanaf 2013 daalt Wageningen gestaag op de ranglijst, zowel in Gelderland als landelijk. In 2017 en 2018 vond een kleine stijging van het rangnummer van Wageningen plaats. In 2019 is de positie van Wageningen op de ranglijst gedaald.

 

Publicatiedatum: 07-07-2020

Inhoud