Paragraaf 2 Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding

Deze paragraaf gaat over het onderhoudsniveau van kapitaalinvesteringen en is vooral gericht op kapitaalgoederen in de openbare ruimte of ten behoeve van het openbaar belang. Kapitaalgoederen zijn investeringen met een langdurig economisch of maatschappelijk nut zoals wegen, civiele kunstwerken, rioleringen, water, verlichting, openbaar groen, sportvelden, gebouwen en installaties. 

Wageningen wil haar kapitaalgoederen zo goed mogelijk beheren, onderhouden en in stand houden en indien nodig vervangen op het bestuurlijk vastgestelde onderhoudsniveau. Voor het planmatig onderhoud aan gemeentelijke voorzieningen maken we gebruik van meerjarenonderhoudsplannen (MOP) en investeringsplanningen. Onder het MOP vallen ook de kleine vervangingsinvesteringen onder € 25.000.

Hieronder volgt een toelichting per beheeraspect.

Verhardingen, groen & water

Verhardingen
Tijdens de behandeling van de begroting 2020-2023 is op basis van onderzoeken naar de technische staat van de verharding en het groen en op basis van doorrekeningen van Planterra besloten een andere financieringsstructuur voor de kapitaalgoederen in te voeren. Voor wegen was de conclusie dat op basis van een realistische inschatting van de levensduur de afschrijvingstermijn van verhardingen wordt aangepast van 25 jaar naar 40 jaar.  De ruimte die hierdoor is ontstaan wordt deels gebruikt om toekomstige investeringen te begroten. Welke investeringen dit zijn wordt jaarlijks in de investeringsagenda van de kadernota vastgelegd. De benodigde investeringsambitie bedraagt €1,2 miljoen. Door subsidies en slim 'werk-met-werk' maken wordt de dekking op het product wegen voor al deze investeringen begroot op €600.000. Daarnaast is de opdracht om de onderhoudskosten langzaam maar zeker te reduceren. Dit kan gerealiseerd worden door omvorming van de openbare ruimte te combineren met de investeringsopgave. Per saldo leveren de wijzigingen een verlaging van de budgetten in de begroting op. De ombuigingen uit 2019 zijn daarmee al in de begrotingen verwerkt. Het nieuwe beleid noemen we ‘Kansgestuurd onderhoud’. Door voldoende te investeren blijven niet alleen de onderhoudskosten laag maar ontstaat ook ruimte om invulling te geven aan veel beleidsambities door werk met werk te maken. Hierbij kan men denken aan een project als de warmtetransitie in de Nude in combinatie met 30 km inrichting, rioolvervanging en herinrichting van weg en groen. In de komende kadernota’s en begrotingen zullen hiervoor voorstellen gedaan worden.

Groen
Het in 2018 vastgestelde groenbeleidsplan vormt de basis voor het beheer en onderhoud van de openbare (groene) buitenruimte. De keuzes die volgen uit het groenbeleidsplan implementeren we in het beheer. Ook de beheerstrategie van groen heeft nauwe samenhang met de vervangingsstrategie voor wegverhardingen en riolering/waterhuishouding evenals met de projecten uit het GMP.  Tijdens de behandeling van de begroting 2020-2023 is op basis van onderzoeken naar de technische staat van de verharding en het groen en op basis van doorrekeningen van Planterra besloten een andere financieringsstructuur voor de kapitaalgoederen in te voeren. Ook bij groen zullen toekomstige investeringen begroot worden. 

Water
Kademuren en beschoeiingen zijn kapitaalgoederen die vallen onder het product water. Bij de inventarisatie van de civieltechnische kunstwerken zijn ook deze objecten meegenomen. Om risico’s, kapitaalvernietiging en stijgende onderhoudskosten te voorkomen moeten we investeren in de vervanging van kapitaalgoederen die technisch versleten en afgeschreven zijn. De wijzigingen in de begrotingssystematiek die voor groen en verhardingen zijn afgesproken in de begroting  van 2020-2023 zullen ook voor het product water worden doorgerekend. Het effect hiervan is nog niet duidelijk en is een opgave voor komend jaar.

Water en riolering

Het beleidskader met betrekking tot beheersmatige aspecten
Om te komen tot een duurzaam waterbeheer is het Waterplan opgesteld. Het doel hiervan is een gezond en veerkrachtig watersysteem te ontwikkelen. We streven naar een samenhangende aanpak, gericht op het opvangen en langer vasthouden, zo nodig bergen en daarna pas afvoeren van regenwater. Om concrete invulling te geven aan de doelstelling van het Waterplan nemen we een aantal uitvoeringsmaatregelen. In 2005 is het waterplan met uitvoeringsmaatregelen, inclusief een kostenraming, vastgesteld. Vooruitlopend hierop is in 2002 het ‘baggerplan bebouwd gebied’ opgesteld. In 2003 is de overdracht van de primaire watergangen naar het waterschap gerealiseerd. In gezamenlijkheid met het waterschap Vallei en Veluwe baggeren we eens per drie jaar 20% van de watergangen. In samenhang met het waterplan stellen we Gemeentelijke Rioleringsplannen op. De gemeente voldoet aan de basisinspanning.

We voldoen aan de wettelijke minimale kwantitatieve eisen voor de riolering in relatie tot het overstorten van rioolwater op het oppervlaktewater. Het derde (verbrede) Gemeentelijke Rioleringsplan is in 2011 vastgesteld. De nadruk ligt hierbij op het verbeteren van de waterkwaliteit in de stad op een duurzame en kosteneffectieve wijze. Dit kunnen we bereiken door maatregelen aan riolering of aan de inrichting en beheer van watergangen. Ook het afkoppelen van regenwater van het gemengde stelsel continueren we, indien het kosteneffectief is. De zorgplicht voor het grondwater is door de nieuwe Waterwet een gemeentelijke taak geworden. Zowel de VGRP als het waterplan lijken verouderd, maar geven ruim voldoende kaders om effectief te kunnen werken aan riolering en waterhuishouding. Ook voor de maatregelen als gevolgen van klimaatverandering voldoen de kaders nog. Met de invoering van de omgevingswet zal het VGRP en het waterplan worden herzien. 

Financiële consequenties voortvloeiende uit het beleidskader
Voor het jaarlijkse waterbeheer zijn structurele budgetten beschikbaar. Voor de uitvoering van het VGRP (verbrede gemeentelijk rioleringsplan) stellen we bedragen beschikbaar vanuit de rioolheffing.

Openbare verlichting

In het beleid wordt gekozen om op natuurlijke momenten de elektriciteitsvraag verder te reduceren door gebruik van led-armaturen en dimmen van licht. Hierdoor zijn de vervangingskosten in balans met de reductie van energie. De bestaande budgetten hoeven daarom niet te worden aangepast. Het beleid is afgestemd op het duurzaamheidsbeleid.

In overeenstemming met het inkoopbeleid is in 2020 een aanbesteding voor het onderhoud van de openbare verlichtingsinstallatie afgerond.
Conform inkoopbeleid ligt bij  (grotere) vervangingsprojecten de nadruk op zoveel mogelijk circulair inkopen.

Speelvoorzieningen

Tijdens de uitvoering van het speelruimteplan van 2013 t/m 2015 zijn er ook zogenaamde ‘bovenwijkse plekken’ gecreëerd, waarmee zeer uiteenlopende doel- en leeftijdsgroepen worden bediend. Naar aanleiding van het enthousiasme van de bewoners hierover willen we de aantallen hiervan verder uitbreiden. Om dit te realiseren willen we komende jaren wel investeren in onderhoud van de bestaande speeltoestellen, maar de aanleg van van nieuwe plekken even op een laag pitje zetten. Hierdoor kunnen we weer sparen voor het realiseren van uitgebreidere speelplekken over 3 à 4 jaar.

Woningen, gebouwen, accommodaties

Wat betreft vastgoed zetten we in op het ontwikkelen van een strategisch afwegingskader voor huisvesting van maatschappelijke- en culturele instellingen in gemeentelijke gebouwen. Daarnaast willen we meer focus op verduurzaming van gemeentelijke gebouwen en waar nodig en mogelijk overgaan tot het aanwijzen van gemeentelijke gebouwen en locaties die geschikt zijn voor woningbouw of de verkoop van gemeentelijke gebouwen.

Gemeentelijke gebouwen worden ingezet voor het huisvesten van een breed aanbod aan culturele, sociale, maatschappelijke en sportvoorzieningen. We willen het multifunctioneel gebruik van gemeentelijke gebouwen bevorderen. Gebouwen die niet meer nodig zijn worden benut als potentiële locatie voor woningbouw of verkocht. Een strategisch afwegingskader welke maatschappelijke- en culturele instellingen worden gehuisvest in gemeentelijke gebouwen is door corona vertraagd en wordt nu voor de zomer 2021 uw raad voorgelegd. Bij de begroting 2020 is besloten om in principe twaalf gemeentelijke panden te verkopen tussen 2020–2023. De netto opbrengst uit de verkoop bedraagt € 2.641.000,-. In 2020 zijn de woningen Nude 25, Nude 27 en het pand Dudoklaan 6 verkocht. De juridische overdracht van Nude 25 en Dudoklaan 6 vindt in 2021 plaats.

We willen het eigen energieverbruik laten dalen door meer focus op het verduurzamen van gemeentelijke gebouwen. In 2018 is gestart met het verduurzamen van de eerste acht gebouwen. Voor de uitvoering van de overige gebouwen zijn vanaf 2021 in het kader van de Nieuwe Toekomst budget opgenomen. De maatregelen voor het verduurzamen worden in combinatie met de noodzakelijke vervangingsinvesteringen uitgevoerd. De PV panelen op sporthal De Aanloop, sporthal Tarthorst en de Stadwerf (Nudepark) zijn medio 2020 in gebruik genomen. De voorbereiding en de aanbesteding voor het verduurzamen van sporthal Tarthort is in 2020 afgerond. De uitvoering wordt in Q1 2021 afgerond. Het vergroenen van onze meer jaren onderhoudsplannen is een doorgaand proces. Voor bestaande gebouwen zoeken wij, ook bij vervanging, steeds naar een duurzame oplossing. In combinatie met het reguliere onderhoud zijn ook dit jaar diverse energiebesparende maatregelen doorgevoerd, zoals het optimaliseren van CV- installaties en het vernieuwen van verlichting door LED lampen. Vanaf 2023 wordt een nieuwe concessie overeenkomst gesloten voor de exploitatie en verduurzaming van zwembad de Bongerd, door de concessie slimmer te organiseren en te financieren.

Scholen

  • De nieuwbouw van de Bijenkorf (voorheen Ireneschool) is in 2018 opgeleverd. Het pand is in eigendom van de Woningstichting. De gemeente heeft een langdurig huurcontract met de Woningstichting.
  • De vervangende nieuwbouw bij SBO de Dijk is in 2018 gerealiseerd.
  • De raad heeft in 2015 voor de periode 2016-2025 budget beschikbaar gesteld voor een subsidieregeling energiebesparing basisonderwijs. De subsidie betreft een percentage (50 % of 100% afhankelijk van de maatregel) van de onrendabele top van energiebesparende en -opwekkende maatregelen. De Nijenoordschool heeft dit jaar subsidie ontvangen voor decentrale ventilatie.
  • Samen met de schoolbesturen is gestart met het opstellen van een Groen Integraal Huisvestingsplan (IHP) voor onderwijs. In het IHP wordt een oplossing aangedragen voor het capaciteitsvraagstuk bij de vrije school de Zwaneridder en de Margrietschool, de afweging voor eventuele nieuwbouw in Kortenoord en de mogelijkheden voor een versnelling van het verduurzamen van gebouwen en het vergroenen van schoolpleinen.