Sitemap

Programmabegroting 2022 Blz. 1
Programmabegroting 2022 - 2025 Blz. 2
Programma’s Blz. 3
Voorwoord Blz. 4
Financiën op orde met ruimte voor nieuwe investeringen: een duurzamer, socialer en groener Wageningen Blz. 5
Inleiding Blz. 6
Uitgangspunten begroting Blz. 7
Begrotingsresultaat Blz. 8
Kadernota 2021 en de Notitie Keuzes voor een Nieuwe Toekomst Blz. 9
Effect meicirculaire 2021 Blz. 10
Aanpassing richtlijn 'ramen extra middelen jeugdzorg' Blz. 11
Financieel beeld bij 100% compensatie jeugdzorg Blz. 12
Vervallen stelpost OZB-verhoging Blz. 13
Overige effecten begrotingsresultaat Blz. 14
Technische aanpassingen begroting Blz. 15
Leeswijzer Blz. 16
Een gewijzigde opzet en inhoud van de programmabegroting Blz. 17
Programma 1 Wageningen sociaal Blz. 18
Waarom dit programma? Blz. 19
Beoogd maatschappelijk effect Blz. 20
1.1 Gezondheid, eenzaamheid en veerkracht Blz. 21
Wat willen we bereiken? Blz. 22
Doelstellingen Blz. 23
1.1.1 Kinderen en jongeren hebben een gezondere leefstijl Blz. 24
Het aantal dagen dat kinderen buiten spelen en deelnemen aan buitenschoolse sportactiviteiten, is 5% verhoogd ten opzichte van de kindermonitor 2017 (bijvoorbeeld door inzet sport/buurtwerk en vergroening schoolpleinen). Blz. 25
In Wageningen zijn er minder kinderen met overgewicht dan het gemiddelde in Gelderland. Blz. 26
Jongeren zijn zich bewust van de gevolgen van het gebruik van alcohol, roken en drugs en het omgaan met groepsdruk. Blz. 27
1.1.2 Voorkomen dat kinderen en jongeren kampen met ernstigere psychische klachten door tijdig psychische klachten te signaleren en bespreekbaar te maken Blz. 28
Kinderen en jongeren kunnen beter omgaan met psychische klachten door deze klachten te voorkomen, te signaleren en bespreekbaar te maken (o.a. inzet van SOH jeugd GGZ, inloop Jeugd en Gezin, jongerenwerk, maatschappelijk werk). Blz. 29
1.1.3 Inwoners met een lage sociaaleconomische status (SES) leven langer, langer in goede gezondheid en ervaren meer veerkracht. Blz. 30
In de Wageningse aandachtswijken hebben inwoners minder overgewicht (o.a. door beweegactiviteiten in de wijken, projecten gericht op een gezond voedingspatroon). Blz. 31
In de Wageningse aandachtswijken wordt er evenveel bewogen als het Wageningse gemiddelde. Wij gaan hierbij uit van de Nederlandse norm gezond bewegen (o.a. beweegactiviteiten Welsaam). Blz. 32
Inwoners ervaren meer bestaanszekerheid Blz. 33
Inwoners hebben mogelijkheden om hun basisvaardigheden (taal, rekenen en digivaardigheden) te vergroten. Blz. 34
Mensen wonen en werken in een gezonde leefomgeving, zowel binnen als buiten. Blz. 35
1.1.4 We willen eenzaamheid voorkomen, signaleren en verminderen Blz. 36
Inwoners ervaren minder eenzaamheid (bijvoorbeeld ontmoetingsactiviteiten bij partners in de stad, o.a. Huizen van de wijk/Markt 17 etc.). Blz. 37
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 38
1.2 Armoedebestrijding en financiële zelfstandigheid Blz. 39
Wat willen we bereiken? Blz. 40
Doelstellingen Blz. 41
1.2.1 We zetten in op het voorkomen, verzachten en verhelpen van armoede. Blz. 42
Resultaten (bijvoorbeeld bereik van de regelingen) worden bepaald na de herijking van de instrumenten. Blz. 43
1.2.2 Wageningers met schulden worden zo vroeg mogelijk gesignaleerd en geholpen bij hun schuldenproblematiek Blz. 44
Alle meldingen over betalingsachterstanden worden beoordeeld. Boven bepaalde grensbedragen wordt iedere melding opgevolgd. Blz. 45
Overige resultaten worden bepaald na de herijking van de instrumenten. Blz. 46
We ontvangen meldingen over betalingsachterstanden bij zorgverzekeraars, nutsbedrijven en grote (lokale) verhuurders. Blz. 47
1.2.3 We voorkomen instroom in de bijstand van werkzoekenden of (nog) werkenden en maken gebruik van veranderingen in de arbeidsmarkt met omscholing en focus op kansberoepen Blz. 48
In 2022 zijn 20 Wageningers zonder werk (waarvan 10 zonder bijstandsuitkering) omgeschoold naar een beroep in de klimaat/duurzaamheidssector (Inzet op nuggers, door slimmer samenwerken in arbeidsmarktregio). Blz. 49
In 2022 hebben 20 Wageningers met een bijstandsuitkering (duurzaam) werk gevonden in een kansberoep, bovenop de reguliere uitstroom. Blz. 50
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 51
1.3 Wettelijke taken vanuit Wageningse principes Blz. 52
Wat willen we bereiken? Blz. 53
Doelstellingen Blz. 54
1.3.1 Kinderen en jongeren kunnen zich op eigen wijze ontwikkelen zonder dat dit wordt geproblematiseerd (normaliseren) Blz. 55
Gezinnen doen voor hulp minder beroep op (duurdere) geïndiceerde jeugdhulp en maken hiervoor meer gebruik van basisvoorzieningen Blz. 56
1.3.2 Versterken van de positie van ouders als opvoeders Blz. 57
Ouders voelen zich gesteund door het gebruik van ouderprogramma's, laagdrempelige opgroei- en opvoedondersteuning en hulp bij echtscheiding en hebben hun opvoedvaardigheden vergroot. Blz. 58
1.3.3 Inwoners voelen zich verantwoordelijk voor elkaar en doen iets voor een ander of hun omgeving (versterken burgerschap) Blz. 59
Leefbare wijken: In de eigen wijk zijn er mogelijkheden voor de bewoner om anderen te ontmoeten en samen activiteiten te ondernemen, bijvoorbeeld in wijkcentrum of buurtinitiatieven (zie ook doel 2.7.3). Blz. 60
Meer dan 37% van de ondervraagden (volwassenen en ouderen) voor de monitor van VGGM doet in 2021 vrijwilligerswerk. Blz. 61
Minder mantelzorgers zijn overbelast; van de ondervraagden voor de monitor van VGGM geeft in 2021 < 3% in categorie Ouderen 65+ en < 2% in categorie Volwassen aan overbelast tot zwaar overbelast te zijn. Blz. 62
1.3.4 Uitvoering wettelijke taken Blz. 63
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 64
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 65
1.4 Vrijheid en internationale samenwerking Blz. 66
Wat willen we bereiken? Blz. 67
Doelstellingen Blz. 68
1.4.1 We zijn vanuit Wageningen, Stad der Bevrijding, voortdurend zichtbaar als voorvechter en gangmaker voor het bewustzijn en daarmee de bevordering van individuele en collectieve vrijheid Blz. 69
We bieden via Wageningen 45 een onderscheidend programma met impact: lokaal, regionaal, landelijk, internationaal, het hele jaar rond. Met ontmoetingen, evenementen, dialoog, kennisdeling en educatie. Fysiek en online. Blz. 70
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 71
1.5 Onderwijs en kinderopvang Blz. 72
Wat willen we bereiken? Blz. 73
Doelstellingen Blz. 74
1.5.1 Onderwijsachterstanden en ontwikkel- en taalspraakachterstanden zijn verminderd Blz. 75
90% van alle kinderen en 80% van de kinderen met een VVE verwijzing stroomt succesvol door naar een reguliere groep 3. 90% van de leerlingen maakt na één jaar in de schakelklas een succesvolle overstap naar een passende reguliere groep. Blz. 76
Logopedische screening voor VVE kinderen en indicatiescreening alle kinderen groep 1 t/m 8 waar zorgen zijn. Blz. 77
1.5.2 Alle leerlingen verlaten het onderwijs met een startkwalificatie Blz. 78
Het aantal Voortijdig School Verlaters (VSV’ers) in de regio Vallei daalt tot 2024 met 1,5%. Blz. 79
Het relatief schoolverzuim bedraagt maximaal 2% van het aantal leerplichtigen. Blz. 80
1.5.3 Ieder kind ontwikkelt ecologisch bewustzijn en verantwoordelijkheid (draagt mede bij aan programma 3) Blz. 81
Er is een scholingsprogramma gericht op het stimuleren van ecologisch bewustzijn en verantwoordelijkheid (draagt mede bij aan programma natuur en duurzaamheid). Blz. 82
1.5.4 Voor Wageningse leerlingen zijn scholen voor bijzonder en speciaal onderwijs buiten Wageningen goed bereikbaar Blz. 83
De maximale reistijd is van 90 minuten teruggebracht naar maximaal 60 minuten. Deze wijziging gaat in bij aanvang schooljaar 2020/2021 . Blz. 84
De vervoerder verduurzaamt zijn wagenpark. Op het totaal van de kilometers passend vervoer schooljaar 2020/2021 wordt 25% met Euro-6, 50% met Groen gas (Biogas) en 25% met Elektrisch/Waterstof uitgevoerd. Blz. 85
1.5.5 Schoolgebouwen bieden een optimale leeromgeving, zijn toekomstig bestendig en multifunctioneel Blz. 86
Er is voldoende adequate capaciteit voor onderwijshuisvesting Blz. 87
Scholen hebben maatregelen genomen om hun schoolgebouw te verduurzamen. Blz. 88
1.5.6 Schoolpleinen dragen bij aan een groene speelomgeving Blz. 89
Er zijn meer schoolpleinen vergroend en alle schoolpleinen zijn openbaar toegankelijk (zie ook resultaten bij programma 3 groen). Blz. 90
1.5.7 Het kind centraal stellen in zijn/haar behoefte aan hulp en ondersteuning en een gezamenlijke verantwoordelijkheid nemen voor alle kinderen Blz. 91
Samenwerking onderwijs en jeugdhulp, één plan met betrokkenen (bijvoorbeeld onderwijszorgarrangement De Dijk, aansluiting school en thuis). Blz. 92
1.5.8 Meer Thuisnabij, passend onderwijs Blz. 93
Zoveel mogelijk kinderen in Wageningen naar school. Blz. 94
1.5.9 Er is kwalitatief goede en veilige kinderopvang geboden Blz. 95
Alle kinderopvanglocaties en gastouders zijn gecontroleerd en maatregelen zijn genomen bij eventuele onvolkomenheden (100%). Blz. 96
1.5.10 Uitvoering wettelijke taken Blz. 97
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 98
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 99
1.6 Een leven lang sporten en bewegen Blz. 100
Wat willen we bereiken? Blz. 101
Doelstellingen Blz. 102
1.6.1 Inclusief sporten & bewegen: sporten en bewegen is mogelijk voor alle mensen die willen meedoen Blz. 103
Meer bewustwording, samenwerking en sportbevordering om drempels weg te nemen voor die mensen die niet vanzelfsprekend sporten. Blz. 104
1.6.2 Van jongs af voldoende en vaardig bewegen Blz. 105
Kinderen leren zwemmen en blijven zwemvaardig. Blz. 106
Kinderen maken kennis met het verschillende (georganiseerde) sportaanbod in Wageningen. Blz. 107
Scholen en kinderopvang bieden beweegactiviteiten aan. Blz. 108
1.6.3 Een duurzame en functionele sportinfrastructuur Blz. 109
Een beweegvriendelijk ingerichte openbare ruimte, zodat sporten en bewegen hier vanzelfsprekend is. Blz. 110
Sportaccommodaties worden breed en intensief gebruikt. De exploitatie van sportaccommodaties verbetert door hogere inkomsten (breder en intensiever gebruik) en lagere kosten (door functionele inzet, slimme spreiding en lagere energierekening). Blz. 111
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 112
1.7 Cultuur is een drager van een bruisend en vitaal Wageningen Blz. 113
Wat willen we bereiken? Blz. 114
Doelstellingen Blz. 115
1.7.1 Alle kinderen krijgen de kans om hun culturele interesses en bagage te ontwikkelen (onderdeel cultuuractieplan) Blz. 116
Alle kinderen maken kennis met kunst en cultuur op en rond de basisschool (cultuuractieplan). Blz. 117
1.7.2 Alle inwoners kunnen zich persoonlijk ontwikkelen en hun maatschappelijke kansen verbeteren (gedeeltelijk onderdeel cultuuractieplan) Blz. 118
Inwoners hebben toegang tot een professionele theatervoorziening, inclusief cultuurmakelaar. Blz. 119
Inwoners komen in aanraking met cultuur en culturele activiteiten. Blz. 120
1.7.3 Alle inwoners hebben vrije toegang tot informatie en kennis Blz. 121
Inwoners hebben toegang tot een openbare bibliotheekvoorziening die invulling geeft aan de 5 wettelijke functies. Blz. 122
Inwoners kunnen historische archieven raadplegen en hulp krijgen bij het doen van onderzoek. Blz. 123
Inwoners kunnen (waar mogelijk digitaal) kennis nemen van de geschiedenis van Wageningen. Blz. 124
Inwoners kunnen gericht zoeken naar foto's, prenten en (bouw-)tekeningen in een beeldbank. Blz. 125
Lokaal nieuws en achtergrondinformatie is beschikbaar via de lokale media. Blz. 126
1.7.4 Er is een aantrekkelijk cultureel klimaat in Wageningen (cultuuractieplan: thema's samenwerking en ruimtegebruik) Blz. 127
Actieve cultuurmakers worden gestimuleerd om samen onze cultuursector naar een hoger plan te brengen, waaronder het vinden van voldoende ruimte en landelijke subsidies voor innovatieve projecten. Blz. 128
In de Stedelijke Cultuurregio Ede-Wageningen wordt meer samengewerkt. Blz. 129
1.7.5 Uitvoering wettelijke taken Blz. 130
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 131
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 132
1.8 Een veilige en leefbare woon-, werk- en ondernemingsomgeving Blz. 133
Wat willen we bereiken? Blz. 134
Doelstellingen Blz. 135
1.8.1 Ondermijning Blz. 136
Bewustwording inwoners en ondernemers vergroten door minimaal 10 communicatie-uitingen per jaar te doen over diverse onderwerpen van ondermijning. Blz. 137
Er is een plan van aanpak ondermijning. Blz. 138
Er zijn ten minste twee integrale controles uitgevoerd per jaar Blz. 139
1.8.2 Zorg en veiligheid Blz. 140
Er is een convenant voor vroeg signalering van overlast gevende jeugd. Blz. 141
Er is een opschalingsmodel ter voorkoming van escalatie naar standaard VNG. Blz. 142
Er is passende zorg en ondersteuning voor kwetsbare personen waaronder personen met verward gedrag. Blz. 143
Inwoners voelen zich veilig in hun wijk. Blz. 144
1.8.3 Evenementen Blz. 145
Er komt een procesomschrijving ‘melden demonstraties’. Blz. 146
We dragen zorg voor een integraal evenementenbeleid. Blz. 147
1.8.4 Crisisbeheersing Blz. 148
Er wordt voortdurend geïnvesteerd in de lokale crisisorganisatie zodat er ten tijde van een (lokale) crisis adequaat opgetreden kan worden. Blz. 149
1.8.5 Uitvoering wettelijke taken Blz. 150
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 151
Welke risico's staan deze ambitie in de weg? Blz. 152
Algemene informatie programma 1 Blz. 153
Beleidsindicatoren Blz. 154
Beleidskader maatschappelijke ontwikkeling Blz. 155
Beleidskader onderwijs Blz. 156
Beleidskader sport Blz. 157
Beleidskader cultuur Blz. 158
Beleidskader veiligheid Blz. 159
Betrokkenheid verbonden partijen Blz. 160
Wat mag het kosten? Blz. 161
Programma 2 Wageningen fysiek Blz. 162
Waarom dit programma? Blz. 163
Beoogd maatschappelijk effect Blz. 164
2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit Blz. 165
Wat willen we bereiken? Blz. 166
Doelstellingen Blz. 167
2.1.1 Goede bereikbaarheid voor alle modaliteiten, 'inclusief' voor alle inwoners en bezoekers Blz. 168
Een aaneensluitend stelsel van voetgangersvoorzieningen en toegankelijke openbare ruimte (inclusieve maatschappij). Blz. 169
Een fijnmazig netwerk fiets infrastructuur (inclusief veer), conform de netwerkvisie. Blz. 170
Een robuuste auto infrastructuur die huidige/toekomstige vraag naar capaciteit kan accommoderen en waar de doorstroming zo lang mogelijk op gang blijft en hinder zo min mogelijk optreedt. Blz. 171
Samenwerking in de provincie ten behoeve van een hoogwaardig OV-netwerk, conform de netwerkvisie. Blz. 172
2.1.2 Een verkeersveilige woon-, werk- school- en leefomgeving Blz. 173
Bewoners hebben invloed op hun directe leefomgeving, door actief in te spelen op kleine verkeersvragen en -knelpunten via o.a. meldpunt openbare ruimte Blz. 174
Duurzaam veilig richtlijnen toepassen bij wegontwerp ten behoeve van verkeersveilige openbare ruimte (bij nieuwe ontwikkelingen en onderhoud van bestaande straten, zoals bij schoolomgevingen). Blz. 175
Educatie, voorlichting en handhaving ten behoeve van voorkomen van ongevallen (in samenwerking met verkeersveiligheidsregio Foodvalley). Blz. 176
Goed inframanagement (conform niveau basis). Blz. 177
Parkeerbeleid ten behoeve van juiste mate van leefbaarheid. Blz. 178
Vergunningen (zoals evenement-, inrit- en omgevingsvergunning) en gehandicaptenparkeren zijn getoetst en verstrekt. Blz. 179
2.1.3 Verduurzamen van mobiliteit (Wageningen Klimaatneutraal 20XX) Blz. 180
Gemeente Wageningen geeft uitvoering aan het mobiliteitsconvenant. Blz. 181
Plaatsen van laadpalen is gefaciliteerd. Blz. 182
2.1.4 Uitvoering wettelijke taken Blz. 183
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 184
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 185
2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat Blz. 186
Wat willen we bereiken? Blz. 187
Doelstellingen Blz. 188
2.2.1 Transparante en accurate ondernemersdienstverlening Blz. 189
Behoeften ondernemers in beeld. Blz. 190
Nauwere samenwerking met andere platforms/organisaties (ondernemersverenigingen, kennis/onderwijsinstellingen). Blz. 191
Vlotte vergunningen procedures. Blz. 192
2.2.2 Een aantrekkelijke en levendige binnenstad om in te verblijven Blz. 193
Er is een effectief centrummanagement. Blz. 194
Goed functionerende warenmarkt. Blz. 195
Openbare ruimte van de binnenstad is een prettige verblijfsomgeving, met kwaliteitsniveau basis. Blz. 196
Optimale structuur binnenstad (waaronder looproutes, entrees, parkeren, groen en invulling vastgoed). Blz. 197
Promotiestrategie binnenstad Blz. 198
2.2.3 Verbinding (binnen)stad en WUR Blz. 199
Er is samenwerking tussen de WUR - gemeente - samenleving ten behoeve van zichtbaarheid van de WUR in de binnenstad. Blz. 200
Samenwerking op kennis in de Agrifood en life sciences en de hele keten. Blz. 201
2.2.4 Sterk vestigingsklimaat voor het kennisecosysteem Blz. 202
Aantrekkelijk woon- en verblijfsklimaat (vestigingsklimaat). Blz. 203
Behoud en aantrekken van nieuwe (met name) kennisintensieve bedrijven (nationaal en internationaal). Blz. 204
Hoogwaardige (groen en duurzaam) en goed bereikbare werklocaties. Blz. 205
Sterke positie binnen regio Foodvalley waarin partners complementair zijn, gebaseerd op gezamenlijke ambities. Blz. 206
2.2.5 Aantrekkelijke functionele en bereikbare werklocaties reguliere bedrijvigheid Blz. 207
Er is een Toekomstvisie op de werklocaties waaronder de Haven, als onderdeel van de visie bebouwde kom (omgevingsvisie). Blz. 208
Inzicht in de betekenis en de behoeften van de reguliere bedrijvigheid. Blz. 209
2.2.6 Een aantrekkelijk kwalitatief aanbod voor recreatie en toerisme Blz. 210
Inwoners en bezoekers zijn op de hoogte van het toeristisch aanbod en het is duidelijk of er gebruik van wordt gemaakt. Blz. 211
Sterk recreatief aanbod. Blz. 212
2.2.7 Uitvoering wettelijke taken Blz. 213
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 214
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 215
2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving Blz. 216
Wat willen we bereiken? Blz. 217
Doelstellingen Blz. 218
2.3.1 Een toename van de biodiversiteit (genetische variatie, soortendiversiteit en leefgebied) Blz. 219
De biodiversiteit van het buitengebied is verhoogd door landschappelijke inpassing van initiatieven en door de aanleg van landschapselementen in samenwerking met andere partijen. Dit resultaat is afhankelijk van doel 2.4. Blz. 220
De biodiversiteit van het openbaar groen is verhoogd (zowel binnenstedelijk als in het buitengebied), waarbij kansen voor innovatie waar mogelijk worden toegepast. Blz. 221
De waterkwantiteit in de stadsgracht is verhoogd, waardoor de waterkwaliteit en de visuele kwaliteit verbetert. Blz. 222
Er is een biodiversiteitsplan opgesteld en daar is een uitvoeringsplan aan gekoppeld. Blz. 223
Er is in samenwerking met externe partijen een plan van aanpak opgesteld voor de noordelijke ecologische verbindingszone (visie Buitengebied) en daar wordt uitvoering aan gegeven. Blz. 224
Nieuwbouw is natuurinclusief uitgevoerd (zie ook programma 2.7). Blz. 225
Vergroening van tuinen (Steenbreek), daken en schoolpleinen is door middel van subsidies gestimuleerd. Blz. 226
2.3.2 Vergroten van de leefkwaliteit (kwantiteit en kwaliteit van het groen) waarmee gezondheid wordt bevorderd, geanticipeerd wordt op de klimaatverandering (klimaatadaptatie), meer CO2 wordt opgevangen en de ruimtelijke kwaliteit wordt vergroot. Blz. 227
Bij alle nieuwbouwplannen wordt minimaal 10% divers groen in de wijk gerealiseerd en bestaand groen in de woonomgeving behouden en versterkt (zie ook programma 2.7). Blz. 228
Het groen is in diverse wijken omgevormd naar een toekomstbestendige vorm (klimaatbestendig, meer biodiversiteit en afgestemd op beheerniveau). Blz. 229
In samenwerking met andere partijen is de binnenstad vergroend (zie ook programma 2.2) Blz. 230
Instandhouding van de hoofd/ecologische groenstructuur. Blz. 231
2.3.3 De openbare ruimte is schoon, heel en veilig. Blz. 232
In samenwerking met externe partners wordt in 2021 een strategisch plan ontwikkeld voor uitvoering van het onderhoud van de buitenruimte incl. slimme inzet van financiële middelen waaronder vervangingsinvesteringen voor groen en speeltoestellen. Blz. 233
2.3.4 Uitvoering wettelijke taken Blz. 234
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 235
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 236
2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving Blz. 237
Wat willen we bereiken? Blz. 238
Doelstellingen Blz. 239
2.4.1 Implementatie Omgevingswet Blz. 240
Er is een omgevingsplan voor de fysieke leefomgeving met een passend digitaal stelsel omgevingswet (DSO) Blz. 241
Er is een omgevingsvisie in ontwikkeling waarin de maatschappelijke opgaven in relatie tot de fysieke leefomgeving staan Blz. 242
Er is een participatiestrategie Blz. 243
Omgevingsvergunningen die passen in de omgevingsvisie Blz. 244
2.4.2 Een integrale uitvoering van de opgaven in de fysieke leefomgeving Blz. 245
Strategie en grondbeleid voor het uitvoeren van de ruimtelijke ambities Blz. 246
Uitvoeringsprogramma voor de ontwikkeling van de stad Blz. 247
2.4.3 Beleid voor de fysieke leefomgeving, dat aansluit bij de ambitie Blz. 248
Kaders en bestemmingsplannen voor de fysieke leefomgeving (wettelijk) zijn actueel en worden gehandhaafd Blz. 249
2.4.4 Ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving passen binnen onze ambitie Blz. 250
Bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen maken kleinere initiatieven van derden, die passen in onze ambitie, mogelijk (leges) Blz. 251
Grote ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving passen in onze ambitie en worden projectmatig uitgevoerd (grondbedrijf) Blz. 252
Het project Grebbedijk is in uitvoering Blz. 253
Het project Grebbedijk is voorbereid Blz. 254
Onze werkprocessen zijn zodanig dat initiatieven in de fysieke leefomgeving onze ambitie mogelijk maken Blz. 255
2.4.5 Identiteit van de stad is beleefbaar Blz. 256
Cultuurhistorie is zichtbaar in Wageningen Blz. 257
Cultuurhistorie wordt gevierd Blz. 258
Monumenten hebben een plek in de omgevingsvisie en -plan Blz. 259
2.4.6 Uitvoering wettelijke taken Blz. 260
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 261
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 262
2.5 Klimaatneutraal in 20XX Blz. 263
Wat willen we bereiken? Blz. 264
Doelstellingen Blz. 265
2.5.1 Er is 50% bespaard op de warmtevraag in 20XX ten opzichte van 2008 Blz. 266
In 2022 hebben alle VvE's een haalbaarheidsstudie uit laten voeren of zijn ze hiermee bezig. Uit deze studie wordt duidelijk hoe zij kunnen besparen en hoe zijn hun resterende warmtevraag duurzaam kunnen invullen. Blz. 267
Door inzet op bewustwording, stimuleren gebruik van subsidies en ondersteuning van huishoudens en bedrijven is de nettowarmtevraag per huishouden met XX en bedrijf met XX per jaar gedaald. Blz. 268
Energiemaatregelen worden via een Energie Service Company (ESCo) aangeboden als onderdeel van de wijkaanpak. In 2022 worden hier verkennende stappen in gemaakt. Blz. 269
Ook in 2022 handhaaft gemeente Wageningen doorlopend bij bedrijven en instellingen om er op toe te zien dat zij voldoen aan de wettelijke verplichtingen met betrekking tot energiebesparing. In 20XX voldoet minimaal 75% hieraan. Blz. 270
2.5.2 100% van de warmte wordt in 20XX duurzaam opgewekt in Wageningen en haar directe omgeving en 400 TJ elektriciteit wordt in 2030 duurzaam opgewekt op grondgebied van de gemeente. Blz. 271
De aanbesteding/inkoop van energie voor de gemeentelijke organisatie resulteert in concrete lokale duurzame energieopwek installaties waarmee deze energievraag kan worden voorzien (doel: 33% per 5 jaar). Blz. 272
De huurders van Woningstichting appartementen in de Nude zijn overgestapt van koken op gas naar koken op inductie. Hierbij is de woningcorporatie "De Woningstichting" in de lead, waarbij de doorlooptijd langer dan 2022 is. Blz. 273
De Regionale Energie Strategie RFV (RES) 1.0 die in 2021 is vastgesteld door de gemeenteraad wordt vertaald naar concrete uitvoeringsplannen. De samenwerking binnen de regio gaat door. Blz. 274
Geschikte windmolenlocaties zijn in 2022 in beeld gebracht. Blz. 275
Het aantal inwoners, bedrijven en instellingen die jaarlijks investeren in zonne-energie is gestegen. Het percentage geschikt dakoppervlak dat benut wordt stijgt van 31% naar 75%. In 2022 worden vervolgstappen gemaakt die bijdragen aan dit resultaat. Blz. 276
Het warmtenet voor de Proeftuin Aardgasvrije wijk Benedenbuurt wordt gerealiseerd tegen 2040. In 2022 worden stappen gezet die bijdragen aan dit resultaat. Blz. 277
In Wageningen is tegen 2040 door warmtepartners een open duurzaam warmtenet gerealiseerd waarop enkele duizenden woningen, bedrijven en instellingen zijn aangesloten. In 2022 worden stappen gezet die bijdragen aan dit resultaat. Blz. 278
Voor alle wijken die niet worden aangesloten op het warmtenet is een Wijk Uitvoerings Plan (WUP) gemaakt in 2022. Er is uitvoering gegeven aan deze WUP zodat woningen, bedrijven en instellingen in deze wijken worden voorzien van warmte tegen 2040. Blz. 279
Ook in 2022 worden vervolgstappen gezet om zonneparken te realiseren binnen de voorwaarden en criteria uit Visie Buitengebied. Blz. 280
2.5.3 De klimaatimpact die gepaard gaat met productie en consumptie van voedsel is verminderd. Blz. 281
Duurzame korte voedselketens (lokale natuurinclusieve productie voor regionale consumptie) zijn kwantitatief en kwalitatief toegenomen. In 2022 worden stappen genomen die bijdragen aan dit resultaat. Blz. 282
In 2022 wordt gestart met uitvoering geven aan de voedselagenda 2021-2030 die in 2021 opgesteld werd. Blz. 283
Gedeelte van voedselcapaciteit hoort bij gezondheid, te weten bij doel "1.1.1 Kinderen en jongeren hebben een gezondere leefstijl", specifiek het resultaat dat focust op overgewicht bij jongeren. Blz. 284
Ook in 2022 zetten we in op minder voedselverspilling en consumptie van vlees en zuivel door de Wageningse huishoudens, bedrijven en restaurants. Blz. 285
2.5.4 De klimaatdoelstellingen worden op een ambitieuze doch realistische wijze vormgegeven. Blz. 286
In 2022 wordt gestart met de acties die vallen onder De Routekaart Wageningen Klimaatneutraal 2030 is herijkt in 2021. Blz. 287
2.5.5 Het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen Blz. 288
De gemeentelijke gebouwen zijn in 20XX energieneutraal. In 2022 worden stappen genomen die bijdragen aan dit streven. Blz. 289
2.5.6 Uitvoering wettelijke taken Blz. 290
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 291
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 292
2.6 Een veilige en gezonde leefomgeving Blz. 293
Wat willen we bereiken? Blz. 294
Doelstellingen Blz. 295
2.6.1 Milieunormen worden niet overschreden Blz. 296
Ook in 2022 wordt met behulp van toezicht en handhaving gecontroleerd of normen op gebied van bodem, lucht, geluid, geur en energie niet worden overschreden. Blz. 297
2.6.2 Uitvoering wettelijke taken Blz. 298
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 299
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 300
2.7 Iedereen in Wageningen heeft de beschikking over een passende woning Blz. 301
Wat willen we bereiken? Blz. 302
Doelstellingen Blz. 303
2.7.1 Versnelling en mogelijke ophoging van de woningbouwproductie in Wageningen in antwoord op de verhoogde huishoudensprognose van circa 3.500 tot 3.800 huishoudens tot 2040 Blz. 304
De potentiële zoekgebieden voor woningbouwlocaties zijn in beeld gebracht. Ambitie 2.4 RO is randvoorwaardelijk (Incidenteel uit reserve grondbedrijf) Blz. 305
In Wageningen worden tussen 2021 en 2024 minimaal 700 woningen opgeleverd. Blz. 306
Nieuw te bouwen woningen zijn (bijna) energieneutraal met ook aandacht voor circulariteit en natuurinclusief bouwen. Dit resultaat draagt bij aan programma's 2.4 en 2.5. Blz. 307
Plan van aanpak wat inzicht geeft in de mogelijkheden voor extra versnelling van de woningbouw. Progr 2.4 RO is randvoorwaardelijk Blz. 308
2.7.2 De woningvoorraad sluit aan bij de behoefte aan betaalbare woningen van lagere inkomensgroepen waaronder ouderen, jongeren en studenten Blz. 309
Bij elk bouwplan met meer dan 30 woningen worden minimaal 30% sociale huurwoningen en 15% middenhuur gerealiseerd. In 2022 evalueren we de woningmarktstrategie. Blz. 310
De bestaande woningvoorraad wordt verder verduurzaamd met oog voor een eerlijke verdeling van de energielasten. Randvoorwaardelijk programma 2.5 Blz. 311
De kernvoorraad sociale huurwoningen is vergroot overeenkomstig de doelgroep van beleid. Gezien de verhoogde huishoudensprognose is er inzicht in de behoefte aan woningen in de kernvoorraad. Blz. 312
Het aanbod aan studentenhuisvesting voldoet aan de vraag naar kamers overeenkomstig de notitie locatiekeuze 2017 en de monitor studentenhuisvesting. Blz. 313
De inzet van instrumenten zoals opkoopbescherming en zelfbewoningsplicht ten behoeve van betaalbaarheid van woningen. Blz. 314
2.7.3 Inwoners wonen in een groene, leefbare en veilige woonomgeving, waar geen overlast ervaren wordt Blz. 315
Bij alle nieuwbouwplannen wordt minimaal 10% divers groen in de wijk gerealiseerd en bestaand groen in de woonomgeving behouden en versterkt. Dit resultaat draagt bij aan programma 2.3. Blz. 316
De samenwerking rondom het voorkomen van woonoverlast is geborgd via de Taskforce woonoverlast. Dit resultaat draagt bij aan programma 1.8 Blz. 317
2.7.4 Inwoners kunnen zo zelfstandig mogelijk wonen in een woning op maat, met voldoende mogelijkheden voor zorg op maat Blz. 318
Er zijn meer woonzorginitiatieven door en voor Wageningse inwoners. Blz. 319
Het aanbod van woningen die geschikt zijn voor senioren wordt vergroot door zowel nieuwbouwplannen en levensloopbestendige aanpassingen in de bestaande woningvoorrraad. Blz. 320
2.7.5 Wijken hebben een gemengde samenstelling voor wat betreft type huishoudens en type woningen en met voldoende ruimte voor (sociale) ontmoeting Blz. 321
Er zijn meer woningbouwontwikkelingen met gedifferentieerde woonprogramma’s en mogelijkheden voor ontmoeting. Dit resultaat draagt bij aan programma 1.1. Blz. 322
Inwoners die specifieke hulp en ondersteuning nodig hebben, kunnen gebruik maken van een passend woningaanbod verspreid over de diverse buurten. Blz. 323
2.7.6 Uitvoering wettelijke taken Blz. 324
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 325
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 326
2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet Blz. 327
Wat willen we bereiken? Blz. 328
Doelstellingen Blz. 329
2.8.1 Het multifunctioneel gebruik van gemeentelijke gebouwen bevorderen Blz. 330
Een strategisch plan als afwegingskader welke maatschappelijke- en culturele instellingen worden gehuisvest in gemeentelijke gebouwen. Blz. 331
2.8.2 Gebouwen die niet meer nodig zijn worden verkocht of benut als potentiële locatie voor woningbouw Blz. 332
Aanwijzen van gemeentelijke gebouwen en locaties die geschikt zijn voor woningbouw. Blz. 333
De netto opbrengst door verkoop van gemeentelijke gebouwen tot en met 2023 bedraagt incidenteel € 2.641.000,- Jaarlijks wordt een bedrag ingeboekt voor de wegvallende exploitatiekosten. Blz. 334
2.8.3 Streven naar een gezonde en kostendekkende exploitatie van gemeentelijke gebouwen Blz. 335
Een nieuwe concessie overeenkomst vanaf 2023 voor 15 jaar voor de exploitatie en verduurzaming van zwembad De Bongerd, door slimmer te organiseren en te financieren. Blz. 336
Het duurzaam in stand houden van gemeentelijke gebouwen. Blz. 337
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 338
Algemene informatie programma 2 Blz. 339
Beleidsindicatoren Blz. 340
Beleidskader bereikbaarheid Blz. 341
Beleidskader economische ontwikkeling Blz. 342
Beleidskader ruimtelijke ontwikkeling Blz. 343
Beleidskader klimaat Blz. 344
Beleidskader wonen Blz. 345
Betrokkenheid verbonden partijen Blz. 346
Wat mag het kosten? Blz. 347
Programma 3 Bestuur en organisatie Blz. 348
Waarom dit programma? Blz. 349
Beoogd maatschappelijk effect Blz. 350
3.1 Transparante overheid Blz. 351
Wat willen we bereiken? Blz. 352
Doelstellingen Blz. 353
3.1.1 We halen minimaal een 7 op onze klanttevredenheidonderzoeken naar dienstverlening Blz. 354
Er is een goede accurate persoonsregistratie. Blz. 355
Onze dienstverlening is afgestemd waar mogelijk met onze ketenpartners en medeoverheden zodat inwoners, ondernemers en organisaties integrale optimale dienstverlening ervaren. Blz. 356
We bieden toegankelijke, transparante en veilige dienstverlening en dragen zorg voor gelijke informatiepositie. Blz. 357
We zijn duidelijk en transparant over de rol die we innemen in processen en wat inwoners, organisaties en bedrijven van ons kunnen verwachten en andersom. Blz. 358
3.1.2 Dienstverlening voortdurend verbeteren passend bij de landelijke ontwikkelingen en bij de behoefte van onze inwoners, bedrijven en organisaties Blz. 359
Dienstverlening aan inwoners, ondernemers en organisaties op een correcte en gastvrije wijze via de contactvorm die zij kiezen, vanuit het principe 'online waar het kan en persoonlijk waar het moet (coronaproof). Blz. 360
Onze dienstverlening sluit aan bij de huidige behoeften en ontwikkelingen. Blz. 361
Zicht hebben op de behoefte van onze inwoners, bedrijven en organisaties. Blz. 362
3.1.3 Democratische vernieuwing en bestuurlijke vernieuwing Blz. 363
Alle inwoners, bedrijven en organisaties zijn in staat om mee te praten over het gemeentelijk beleid. Blz. 364
3.1.4 Uitvoering van representatietaken en dergelijke is op het niveau zoals in de afgelopen jaren Blz. 365
Taken voor representatie en dergelijke zijn uitgevoerd, onder andere de verplichtingen voor college en raad. Blz. 366
3.1.5 Uitvoering wettelijke taken Blz. 367
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 368
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 369
3.2 Een goed functionerende wendbare organisatie Blz. 370
Wat willen we bereiken? Blz. 371
Doelstellingen Blz. 372
3.2.1 De organisatie heeft de informatie en het advies dat nodig is om besluiten te nemen Blz. 373
Adviseren en sturing geven aan de organisatie over de inzet van mensen en bedrijfsmiddelen zodat de organisatie effectief is in het oplossen van vraagstukken. Blz. 374
3.2.2 Externe financiering aantrekken Blz. 375
Geld waarmee andere doelen (met name subsidies) gerealiseerd kunnen worden. Blz. 376
3.2.3 Een goede en veilige werkomgeving Blz. 377
We werken digitaal samen via een vergaderomgeving (urgentie vanuit Corona). • Een fitte organisatie met aandacht voor welzijn, gezondheid en vitaliteit van onze medewerkers. Blz. 378
3.2.4 Flexibele bedrijfsvoering Blz. 379
Een applicatielandschap dat ontwikkelingen en nieuwe wettelijke taken in de toekomst kan faciliteren (conform hernieuwd I-plan voor 2022 en verder). Blz. 380
Een getransformeerde en doorontwikkelende organisatie/bedrijfsvoering waarbij we onderzoek doen naar het (huidige) organisatiemodel. Blz. 381
Uit onderzoek moet blijken of we Bedrijfsvoeringonderdelen slimmer/efficiënter kunnen organiseren. Uitkomst is een goed toegeruste medewerker die tevreden (samen) werkt binnen de fysieke en mentale werkomgeving. Blz. 382
3.2.5 De organisatie is in control Blz. 383
Collegeverklaring en ENSIA op orde. Blz. 384
Goedkeurende accountantsverklaring. Blz. 385
Rechtmatigheidsverantwoording. Blz. 386
3.2.6 Huis van de Stad Blz. 387
Startpunt en Stadhuis zijn ook beschikbaar voor maatschappelijke activiteiten. Blz. 388
3.2.7 ICT voor minimaal de huidige wettelijke taken Blz. 389
Een applicatielandschap dat afdoende is om minimaal de huidige wettelijke taken te kunnen uitvoeren. We doorstaan landelijke audits (ENSIA e.d.) en andere landelijke verantwoording aan het Rijk. Blz. 390
Een applicatielandschap dat tijdig, rechtmatig en toekomstgericht vervangen wordt om minimaal de wettelijke taken te kunnen uitvoeren. Blz. 391
ICT-infrastructuur die afdoende is om minimaal de huidige wettelijke taken te kunnen uitvoeren. Blz. 392
Laptopmanagementsoftware + WIFI locatie Startpunt. Blz. 393
3.2.8 Uitvoering wettelijke taken Blz. 394
De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Blz. 395
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 396
3.3 Slimme inzet van middelen Blz. 397
Wat willen we bereiken? Blz. 398
Doelstellingen Blz. 399
3.3.1 Beleidseffectiviteit voor alle programma's wordt vergroot. Specifiek onderdeel van beleid risicomanagement is bewust verzekeren (risicostrategie met reële verzekeringspremies) Blz. 400
Risicomanagementbeleid is bestuurlijk vastgesteld en geïmplementeerd, waarbij bestuur en het ambtelijk apparaat meer bewust worden gemaakt van risico's en te nemen beheermaatregelen als onderdeel van het in control komen. Blz. 401
3.3.2 De mogelijkheid om extra belastingen te heffen en extra inkomen te generen Blz. 402
Lobby naar Den Haag om de wettelijke basis voor extra belastinginkomsten te verruimen. Blz. 403
3.3.3 Een lage/lagere rente levert een lagere rentelast op in dit programma's Blz. 404
Strategie ontwikkelen kort en lang vreemd geld. Optimaal kort geld aantrekken, wat rente oplevert en afwegen om lang geld aan te trekken eind dit jaar en/of volgend jaar. Blz. 405
Welke risico’s staan deze ambitie in de weg? Blz. 406
Algemene informatie programma 3 Blz. 407
Beleidsindicatoren Blz. 408
Beleidskader transparante overheid Blz. 409
Beleidskader P&C-cyclus Blz. 410
Betrokkenheid verbonden partijen Blz. 411
Wat mag het kosten? Blz. 412
Overzicht aangenomen amendementen Kadernota 2021 Blz. 413
Overzicht aangenomen amendementen Kadernota 2021 Blz. 414
Wettelijk verplichte beleidsindicatoren Blz. 415
Wettelijk verplichte beleidsindicatoren Blz. 416
Paragrafen Blz. 417
Paragraaf 1 Weerstandsvermogen & risicobeheersing Blz. 418
Inleiding Blz. 419
Weerstandscapaciteit Blz. 420
Risico’s Blz. 421
Andere afgedekte gebeurtenissen Blz. 422
Weerstandsvermogen Blz. 423
Financiële kengetallen Blz. 424
Paragraaf 2 Onderhoud kapitaalgoederen Blz. 425
Inleiding Blz. 426
Verhardingen, groen & water Blz. 427
Openbare verlichting Blz. 428
Speelvoorzieningen Blz. 429
Water en riolering Blz. 430
Woningen, gebouwen, accommodaties Blz. 431
Scholen Blz. 432
Paragraaf 3 Bedrijfsvoering Blz. 433
Inleiding Blz. 434
Mens , organisatie en informatie Blz. 435
Strategie en innovatie Blz. 436
Processen op orde Blz. 437
Gastheerschap in ons Huis van de Stad en interne service Blz. 438
Verantwoording Blz. 439
In control Blz. 440
Paragraaf 4 Verbonden partijen Blz. 441
Inleiding Blz. 442
Overzicht verbonden partijen Blz. 443
Gemeenschappelijke regelingen Blz. 444
Vennootschappen en coöperaties Blz. 445
Stichtingen en verenigingen Blz. 446
Overige verbonden partijen Blz. 447
Paragraaf 5 Grondbeleid Blz. 448
Inleiding Blz. 449
Kaders grondbedrijf Blz. 450
Onderhanden werken (OHW) Blz. 451
Kostenverhaallocaties (KVL) Blz. 452
Resultaat Blz. 453
Stand reserve grondexploitatie Blz. 454
Paragraaf 6 Lokale heffingen Blz. 455
Inleiding Blz. 456
Heffingen / belastingen 2022 Blz. 457
Kwijtscheldingsbeleid Blz. 458
Kostendekkendheid heffingen Blz. 459
Belastingopbrengsten Blz. 460
Belastingdruk Blz. 461
Paragraaf 7 Financiering Blz. 462
Inleiding Blz. 463
Uitstaande geldleningen (ug) Blz. 464
Ontvangen geldleningen (og) Blz. 465
Renteontwikkeling en rentevisie Blz. 466
Garanties en borgstellingen Blz. 467
Kasgeldlimiet Blz. 468
Renterisiconorm Blz. 469
Liquiditeitsplanning Blz. 470
Schatkistbankieren Blz. 471
EMU-saldo en EMU-schuld Blz. 472
Renteschema Blz. 473
Paragraaf 8 Gevolgen voor de minima Blz. 474
Paragraaf 8 Gevolgen voor de minima Blz. 475
Financiële begroting Blz. 476
Overzicht baten en lasten Blz. 477
Overzicht baten en lasten Blz. 478
Overzicht baten en lasten Blz. 479
Geraamde baten en lasten per taakveld Blz. 480
Geraamde baten en lasten per taakveld Blz. 481
Verdeling taakvelden per programma Blz. 482
Verdeling taakvelden per programma Blz. 483
Incidentele baten en lasten per programma Blz. 484
Incidentele baten en lasten per programma Blz. 485
Incidentele baten en lasten > € 100.000 Blz. 486
Structureel en reëel evenwicht Blz. 487
Meerjarenoverzicht reserves en voorzieningen Blz. 488
Meerjarenoverzicht reserves en voorzieningen Blz. 489
Meerjareninvesteringsplanning 2022-2025 Blz. 490
Meerjareninvesteringsplanning 2022-2025 Blz. 491
Meerjarenbalans Blz. 492
Meerjarenbalans Blz. 493
Toelichting ramingsbijstellingen Blz. 494
Overzicht ramingsbijstellingen Blz. 495
Zoeken
Bijlagen
Contact
PrivacyStatement
Sitemap