Programma 2 Wageningen fysiek

Waarom dit programma?

Terug naar navigatie - Programma 2 Wageningen fysiek - Waarom dit programma?

Wageningen werkt aan een groene, duurzame en toekomstbestendige leefomgeving voor huidige en toekomstige generaties. De komende jaren staan we voor grote ruimtelijke opgaven. Tot 2040 is behoefte aan ongeveer 3.500 extra woningen. Deze groei vraagt ook om ruimte voor werkgelegenheid, mobiliteit, voorzieningen, natuur en recreatie. Tegelijk werken we aan de energie- en voedseltransitie, klimaatadaptatie en versterking van biodiversiteit. Omdat de beschikbare ruimte beperkt is, maken we integrale afwegingen waarbij wonen, werken, bereikbaarheid, duurzaamheid en leefkwaliteit in samenhang worden ontwikkeld.

De Omgevingsvisie vormt hiervoor het kader. Samen met inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers, regio Foodvalley, provincie en Rijk werken we aan oplossingen die bijdragen aan een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving.

Wonen en leefomgeving

De druk op de woningmarkt blijft groot. Daarom zetten we in op versnelling van de woningbouw, de ontwikkeling van nieuwe bouwlocaties en het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Daarbij blijft voldoende aandacht voor betaalbaarheid en passende woonoplossingen voor verschillende doelgroepen. Door vergrijzing en veranderingen in huishoudens groeit de vraag naar woningen waarin mensen zelfstandig kunnen wonen, met passende voorzieningen, ontmoeting en zorg in de buurt.

Bij de ontwikkeling van de stad streven we naar een groene, klimaatbestendige en biodiverse leefomgeving. Groen en water dragen bij aan gezondheid, natuurkwaliteit en bescherming tegen de gevolgen van klimaatverandering. We versterken de biodiversiteit door uitvoering te geven aan het Biodiversiteitsplan, onder meer via ecologische verbindingen, groenblauwe structuren en natuurinclusief bouwen. Ook behouden en benutten we de cultuurhistorische kwaliteiten van Wageningen, zoals beschreven in het Omgevingsprogramma Erfgoed.

Economie

Wageningen beschikt over een sterk kennisecosysteem dat bijdraagt aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Samen met ondernemers, onderwijsinstellingen en maatschappelijke partners werken we aan een toekomstbestendige impacteconomie: circulair, innovatief en gericht op maatschappelijke meerwaarde. We versterken het vestigingsklimaat, creëren ruimte voor economische ontwikkeling en ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een sterke lokale gemeenschap. Via de Human Capital Agenda werken we bovendien aan een inclusieve arbeidsmarkt waarin talentontwikkeling, innovatie en gelijke kansen centraal staan.

Duurzaamheid

Met de Routekaart Wageningen Klimaatneutraal 2030-2040 werken we aan een stad die minder energie verbruikt en meer duurzame energie opwekt. Daarnaast zetten we in op de warmtetransitie, vermindering van voedselverspilling en een duurzamer voedselsysteem. Een groene en gezonde leefomgeving vraagt daarbij ook blijvende aandacht voor het naleven van wettelijke natuur-, milieu- en omgevingsnormen.

Mobiliteit

De groei van Wageningen vraagt om een mobiliteitssysteem dat veilig, gezond en duurzaam is. Door woningbouw, economische ontwikkeling en een toenemende druk van de auto op de openbare ruimte zijn nieuwe keuzes nodig. Daarom werken we aan een mobiliteitstransitie waarbij lopen, fietsen, deelmobiliteit en openbaar vervoer aantrekkelijker worden, zonder de (auto)bereikbaarheid van de stad uit het oog te verliezen.

In het Omgevingsprogramma Mobiliteit zijn de ambities, maatregelen en randvoorwaarden hiervoor uitgewerkt. Daarin zijn de beslispunten uit het Inwonersberaad verwerkt. Ook werken we nauw samen met omliggende gemeenten, provincies en Rijkswaterstaat. Uiteindelijk zijn inwoners en bedrijven onmisbaar bij het realiseren van een duurzaam en toekomstbestendig mobiliteitssysteem.

Wat willen we bereiken voor onze inwoners en onze samenleving?

Terug naar navigatie - Programma 2 Wageningen fysiek - Wat willen we bereiken voor onze inwoners en onze samenleving?

In dit programma zijn de actuele ambities gekoppeld aan:

  • 2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit
  • 2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat
  • 2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving
  • 2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving
  • 2.5 Klimaatneutraal 2030-2040
  • 2.6 Een veilige en gezonde leefomgeving
  • 2.7 Voldoende betaalbare, duurzame en kwalitatieve woningen voor elke Wageninger, in een groene wijk met plek voor ontmoeting
  • 2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet

Deze ambities zijn verwerkt in een doelenboom, waarin wordt beantwoord:

  • Welke doelen willen we bereiken om te komen tot de ambitie?
  • Welke resultaten moet het opleveren?

2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit

2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit

Terug naar navigatie - 2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit - 2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit

Doel: 2.1.1 Goede bereikbaarheid voor alle modaliteiten, 'inclusief' voor alle inwoners en bezoekers. Daarbij passen we het STOEP-principe toe. 

Resultaten:

  • Alle inwoners hebben binnen 15 minuten lopen of fietsen toegang tot alle basisvoorzieningen (huisarts, basisschool en supermarkt). 
  • Iedere inwoner kan binnen 5 minuten lopen een hub of OV-halte bereiken. 
  • Stimuleren lopen door middel van goede, aantrekkelijke en toegankelijke looproutes en door aantrekkelijke verblijfs-/voetgangersgebieden. 
  • Bevorderen fiets door goede fietsroutes binnen Wageningen en naar omliggende gemeenten en door betere fietsenstallingen. 
  • Samen met regio Foodvalley, provincies en WUR blijven we werken aan verbetering van het openbaar vervoer.
  • Waarborging van de doorstroming (dit kan ook met een lagere snelheid) van het autoverkeer op de ‘ruit’ en verbindingen naar de snelwegen.

Doel: 2.1.2 Een verkeersveilige en leefbare woon-, werk- school- en leefomgeving.

Resultaten:

  • Er gebeuren minder ongelukken in het verkeer ten opzichte van de periode 2017-2019. We maken jaarlijks een vergelijking van de ongevalscijfers in de periode 2017–2019 met de laatste 3 volledige jaren. 
  • Een verkeersveilige openbare ruimte door het toepassen van Duurzaam Veilig richtlijnen bij het ontwerp van wegen.
  • Een betere verkeersveiligheid bij schoolomgevingen.
  • Minder knelpunten verkeersveiligheid. 
  • Meer 30 km/uur wegen binnen de bebouwde kom.
  • Minder (doorgaand) autoverkeer in woon- en werkgebieden. 
  • Minder (doorgaand) autoverkeer in het buitengebied. 
  • Bewoners hebben invloed op hun directe leefomgeving, door actief in te spelen op kleine verkeersvragen en -knelpunten via onder andere Meldpunt Openbare Ruimte.
  • Educatie, voorlichting en handhaving ter voorkoming van ongevallen (in samenwerking met provincie Gelderland en regio Foodvalley).
  • Goed inframanagement (conform niveau basis) ten behoeve van verkeersveiligheid, doorstroming en bereikbaarheid hulpdiensten.

Doel: 2.1.3 Mobiliteitstransitie en verduurzamen van mobiliteit. 

Resultaten:

  • Er is een stijging te zien ten opzichte van 2025 in het aandeel verplaatsingen korter dan 5 kilometer, binnen de stad, dat te voet of met de fiets wordt afgelegd. 
  • Er is een stijging te zien ten opzichte van 2025 in het aandeel verplaatsingen van of naar de stad Wageningen dat plaatsvindt met de fiets en met het openbaar vervoer. 
  • Het aanbod van deelmobiliteit (deelfietsen en deelauto's) is uitgebreid ten opzichte van 2025.
  • Er zijn mobiliteitshubs gerealiseerd (straathubs, wijkhubs, stadsrandhubs).  
  • In 2045 is het aantal auto's in de stad niet gegroeid ten opzichte van 2025. 
  • Alle 100+ werkgevers zijn benaderd voor mogelijkheden verduurzaming mobiliteit. Dit doen we binnen de werkgeversaanpak van de regio Foodvalley.
  • In 2030 bedraagt het totaal aantal laadpalen in de openbare ruimte: 194 laadpalen (conform visie openbare laadinfrastructuur 2030).
  • Er is een besluit genomen over het wel of niet invoeren van een Zero-Emissiezone voor Stadslogistiek. 
  • We onderzoeken de noodzaak en mogelijkheden om duurzaam goederentransport te faciliteren waaronder de haalbaarheid van een logistieke hub.
  • Het gemeentelijk wagenpark is verduurzaamd.

Doel: 2.1.4 Meer ruimte voor wonen, groen, spelen, ontmoeten en klimaatadaptatie door anders omgaan met autoparkeren. 

Resultaten:

  • Ten opzichte van 2025 staan er minder auto's op straat en is er meer ruimte voor groen, spelen en ontmoeten. 
  • Om voldoende en betaalbaar te kunnen bouwen binnen de bestaande kom, werken we aan minder en lagere autoparkeernormen, daartoe actualiseren we de parkeernormen. 
  • De beschikbare parkeerruimte is efficiënter verdeeld met parkeerregulering en op afstand parkeren in centrale parkeergarages. 
  • De principes en maatregelen zijn uitgewerkt in het nieuwe Parkeerplan Wageningen (2027-2030).

Doel: 2.1.5 Uitvoering wettelijke taken. 

Resultaten:

De wettelijke taken worden uitgevoerd. Dit betreft:

  • Het beheren van de bestaande infrastructuur.
    • Zorgdragen voor het juiste functioneren van de weg door plaatsing verkeersborden en -tekens, inclusief verkeersbesluit.
    • Zorgdragen dat de openbare weg in goede staat verkeert.
    • Zorgdragen voor de inspanningsverplichting van gladheidsbestrijding.
    • Zorgdragen voor een wegenlegger, inclusief bebouwde komgrenzen.
  • Vergunningen zoals evenement-, inrit- en omgevingsvergunning en gehandicaptenparkeren zijn getoetst en verstrekt.
  • De wettelijke taken zijn uitgevoerd.

2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat - Wat willen we bereiken?

Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat met voldoende werkgelegenheid voor iedereen. In 2027 zetten we stappen in het realiseren van de ambities uit de Visie Economie. We realiseren de acties uit het Omgevingsprogramma Economie samen met partners in de stad en de regio. In detail hebben we dit geconcretiseerd in de Human Capital Agenda, Actieplan Circulaire Economie, Beleidskader horeca en detailhandel en de Toeristisch-recreatieve agenda.

2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat

Terug naar navigatie - 2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat - 2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat

Doel: 2.1.1 Goede bereikbaarheid voor alle modaliteiten, 'inclusief' voor alle inwoners en bezoekers. Daarbij passen we het STOEP-principe toe. 

Resultaten:

·         Alle inwoners hebben binnen 15 minuten lopen of fietsen toegang tot alle basisvoorzieningen (huisarts, basisschool en supermarkt). 

·         Iedere inwoner kan binnen 5 minuten lopen een hub of OV-halte bereiken. 

·         Stimuleren lopen door middel van goede, aantrekkelijke en toegankelijke looproutes en door aantrekkelijke verblijfs-/voetgangersgebieden. 

·         Bevorderen fiets door goede fietsroutes binnen Wageningen en naar omliggende gemeenten en door betere fietsenstallingen. 

·         Samen met regio Foodvalley, provincies en WUR blijven we werken aan verbetering van het openbaar vervoer.

·         Waarborging van de doorstroming (dit kan ook met een lagere snelheid) van het autoverkeer op de ‘ruit’ en verbindingen naar de snelwegen.

Doel: 2.1.2 Een verkeersveilige en leefbare woon-, werk- school- en leefomgeving.

Resultaten:

·         Er gebeuren minder ongelukken in het verkeer ten opzichte van de periode 2017-2019. We maken jaarlijks een vergelijking van de ongevalscijfers in de periode 2017–2019 met de laatste 3 volledige jaren. 

·         Een verkeersveilige openbare ruimte door het toepassen van Duurzaam Veilig richtlijnen bij het ontwerp van wegen.

·         Een betere verkeersveiligheid bij schoolomgevingen.

·         Minder knelpunten verkeersveiligheid. 

·         Meer 30 km/uur wegen binnen de bebouwde kom.

·         Minder (doorgaand) autoverkeer in woon- en werkgebieden. 

·         Minder (doorgaand) autoverkeer in het buitengebied. 

·         Bewoners hebben invloed op hun directe leefomgeving, door actief in te spelen op kleine verkeersvragen en -knelpunten via onder andere Meldpunt Openbare Ruimte.

·         Educatie, voorlichting en handhaving ter voorkoming van ongevallen (in samenwerking met provincie Gelderland en regio Foodvalley).

·         Goed inframanagement (conform niveau basis) ten behoeve van verkeersveiligheid, doorstroming en bereikbaarheid hulpdiensten.

Doel: 2.1.3 Mobiliteitstransitie en verduurzamen van mobiliteit. 

Bij een aantal resultaten wordt de ontwikkeling gemeten ten opzichte van 2025. Hiermee sluiten we aan bij het Omgevingsprogramma Mobiliteit, waarin 2025 als referentiejaar geldt.

Resultaten:

·         Er is een stijging te zien ten opzichte van 2025 in het aandeel verplaatsingen korter dan 5 kilometer, binnen de stad, dat te voet of met de fiets wordt afgelegd. 

·         Er is een stijging te zien ten opzichte van 2025 in het aandeel verplaatsingen van of naar de stad Wageningen dat plaatsvindt met de fiets en met het openbaar vervoer. 

·         Het aanbod van deelmobiliteit (deelfietsen en deelauto's) is uitgebreid ten opzichte van 2025.

·         Er zijn mobiliteitshubs gerealiseerd (straathubs, wijkhubs, stadsrandhubs).  

·         In 2045 is het aantal auto's in de stad niet gegroeid ten opzichte van 2025. 

·         Alle 100+ werkgevers zijn benaderd voor mogelijkheden verduurzaming mobiliteit. Dit doen we binnen de werkgeversaanpak van de regio Foodvalley.

·         In 2030 bedraagt het totaal aantal laadpalen in de openbare ruimte: 194 laadpalen (conform visie openbare laadinfrastructuur 2030).

·         Er is een besluit genomen over het wel of niet invoeren van een Zero-Emissiezone voor Stadslogistiek. 

·         We onderzoeken de noodzaak en mogelijkheden om duurzaam goederentransport te faciliteren waaronder de haalbaarheid van een logistieke hub.

·         Het gemeentelijk wagenpark is verduurzaamd.

Doel: 2.1.4 Meer ruimte voor wonen, groen, spelen, ontmoeten en klimaatadaptatie door anders omgaan met autoparkeren. 

Resultaten:

·         Ten opzichte van 2025 staan er minder auto's op straat en is er meer ruimte voor groen, spelen en ontmoeten. 

·         Om voldoende en betaalbaar te kunnen bouwen binnen de bestaande kom, werken we aan minder en lagere autoparkeernormen, daartoe actualiseren we de parkeernormen. 

·         De beschikbare parkeerruimte is efficiënter verdeeld met parkeerregulering en op afstand parkeren in centrale parkeergarages. 

·         De principes en maatregelen zijn uitgewerkt in het nieuwe Parkeerplan Wageningen (2027-2030).

Doel: 2.1.5 Uitvoering wettelijke taken. 

Resultaten:

De wettelijke taken worden uitgevoerd. Dit betreft:

·         Het beheren van de bestaande infrastructuur.

o    Zorgdragen voor het juiste functioneren van de weg door plaatsing verkeersborden en -tekens, inclusief verkeersbesluit.

o    Zorgdragen dat de openbare weg in goede staat verkeert.

o    Zorgdragen voor de inspanningsverplichting van gladheidsbestrijding.

o    Zorgdragen voor een wegenlegger, inclusief bebouwde komgrenzen.

·         Vergunningen zoals evenement-, inrit- en omgevingsvergunning en gehandicaptenparkeren zijn getoetst en verstrekt.

·         De wettelijke taken zijn uitgevoerd.

Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Terug naar navigatie - 2.2 Een aantrekkelijk, sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat - Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Werklocaties en anderen

  1. Er zijn diverse landelijke ontwikkelingen van invloed op de economische ontwikkeling van Wageningen. Zoals de geopolitieke omstandigheden, demografische en maatschappelijke ontwikkelingen, maar ook wateroverlast /-tekort, netcongestie en de stikstofproblematiek.
  2. Ondernemers kunnen zich door netcongestie niet aansluiten op het elektriciteitsnetwerk. Volgens de website van Liander duurt dit zeker tot eind 2029. Dit heeft directe invloed op de economische ontwikkeling van Wageningen, waaronder op de aantrekkelijkheid om hier te vestigen en op de werkgelegenheid. Ook heeft de netcongestie invloed op de duurzaamheidsambities van Wageningen, de gronduitgifte en de uitvoering van onder andere het regionale beleid op het gebied van Duurzaamheid zoals de RES (Regionale Energiestrategie).
  3. Wageningen (en regio Foodvalley) heeft te maken met een extra ruimtedruk van elders (voor bedrijven en/of wonen). Vanuit omliggende regio’s (onder andere Arnhem, Nijmegen en Amersfoort) kijkt men steeds vaker naar vestigingsmogelijkheden (voor bedrijven en/of wonen) in onze regio. Gevolg van deze hoge ruimtedruk is een toenemende concurrentie voor ruimte bedoeld voor werklocaties.
  4. De huidige bereikbaarheid van de werklocaties en binnenstad voor bedrijven, bezoekers en werknemers kan beter. Er moet een kwaliteitsverbetering komen met aandacht voor alle vormen van (recreatieve) mobiliteit inclusief hoogwaardig openbaar vervoer, snelfietsroutes, mobiliteithubs en parkeren voor fiets en auto.
  5. Er zijn niet genoeg werklocaties waar bedrijven zich kunnen vestigen. Vooral voor bedrijven in het kenniscluster rond Agrifood en de Rijnhaven is dit een probleem. Dit heeft indirect invloed op de gehele economie in Wageningen, waaronder werkgelegenheid en het draagvlak voor voorzieningenniveau.

Binnenstad en toerisme & recreatie

  1. Er is voor ondernemers veel onzekerheid door stijgende energiekosten, grondstoffen en arbeidskosten.
  2. Leegstand 
  3. Er is een recreatieparadox: we waarderen recreatieve mogelijkheden, beleving van natuur en landschap, en aangetoonde maatschappelijke betekenis en meerwaarde van recreatie in het groen heel hoog, maar ‘niemand’ vindt betalen voor beheer, onderhoud en doorontwikkeling van recreatieve ruimte en voorzieningen vanzelfsprekend of zijn verantwoordelijkheid. Recreanten gaan ervanuit dat recreatie gratis is; overheden vinden dat de markt, de recreant of een andere overheid een rol heeft in de bekostiging; en bedrijven zien recreatievoorzieningen als een basisvoorziening waar de overheid voor zorgt en zij belasting voor betalen
  4. Terreineigenaren hebben te maken met teruglopende en structureel onvoldoende middelen voor het openstellen van hun gebieden voor recreatie. De investeringen in recreatieve (basis)voorzieningen zijn nu afhankelijk van de financiële ruimte die overblijft. Door onveiligheid door onvoldoende onderhoud worden voorzieningen vervolgens gesloten of verwijderd.

2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving

2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving

Terug naar navigatie - 2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving - 2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving

Doel: 2.3.1 Een toename van de biodiversiteit (genetische variatie, soortendiversiteit en leefgebied).

Resultaten

  • De biodiversiteit van het openbaar groen en water is verhoogd (zowel binnenstedelijk als in het buitengebied).  Bij de aanleg en renovatie van het openbaar groen kiezen we voor biodiverse beplanting. Uit inventarisatie blijkt dat 10% van het huidige areaal vervangen moet worden. Hiermee starten we in 2027. 
  • De omstandigheden zowel in de stad als in het buitengebied zijn zo dat algemene soorten daar veel blijven voorkomen en niet zeldzaam worden. We brengen de huidige situatie in beeld om vervolgens maatregen te kunnen nemen.
  • Groene en blauwe structuren in de stad en in het buitengebied zijn verbonden, zodat flora en fauna zich veilig kunnen verspreiden en verplaatsen door de stad. Waar nodig zijn faunapassages aangelegd. 
  • De ecologische hoofdgroenstructuur blijft in stand en wordt versterkt. 
  • In 2035 is de Noordelijke Ecologische Verbindingszone tot aan de gemeentegrens (de Grift) gerealiseerd.
  • In 2030 bestaat 5% van het landelijk gebied uit landschapselementen (groenblauwe dooradering). Dit groeit door naar 10% in 2050. Deze landschapselementen passen bij het landschapstype ter plekke. 
  • De biodiversiteit van het buitengebied is verhoogd door landschappelijke inpassing van initiatieven en door de aanleg van landschapselementen in samenwerking met andere partijen. Het Landschapsfonds vervult hier ook een belangrijke rol in.
  • Voor het maaibeheer van de bermen gebruiken we vijf ontwikkelingsfases op basis van soortenrijkdom. Het doel is om in 2030 30% in de fase soortenrijk hooiland (H3), met een zeer hoge biodiversiteit en ecologische waarde te brengen. In 2026 hebben we de huidige stand van zaken gemeten met de vijfjaarlijkse monitoring. Zo zien we de voortgang zien t.o.v. 2021 en stellen het beheer waar nodig bij.  
  • Het aantal groeihaarden van invasieve plantensoorten is in 2030 met 50% afgenomen ten opzichte van de situatie in 2025. 
  • Iedere nieuwe ruimtelijke ontwikkeling levert, zo veel mogelijk,  een toename voor de biodiversiteit op.
  • Het verduurzamen en isoleren van gebouwen leidt niet tot aantasting van de populaties van beschermde gebouw bewonende diersoorten.  Daarvoor stellen we een soortenmanagementplan (SMP) op. 
  • Activiteiten van inwoners en bedrijven die bijdragen aan de doelen uit het biodiversiteitsplan worden door middel van subsidies gestimuleerd.

Doel: 2.3.2 Vergroten van de leefkwaliteit (kwantiteit en kwaliteit van het groen) waarmee gezondheid wordt bevorderd, geanticipeerd wordt op de klimaatverandering (klimaatadaptatie), meer CO2 wordt opgevangen en de ruimtelijke kwaliteit wordt vergroot.

Resultaten

  • Regenwater wordt zoveel mogelijk vastgehouden op de plek waar het valt. De focus ligt hierbij in eerste instantie op de hogere zandgronden. In 2026 is gestart met een wijkaanpak afkoppelen in de Hamelakkers, dit zetten we in 2027 voort. Na afronden van de Hamelakkers starten we in een andere wijk. 
  • In 2026-2027 wordt een Programma Water en Riolering opgesteld onder de Omgevingswet, plus een uitvoeringsplan water- en oeverbeheer. 
  • De klimaatbestendigheid van het openbaar groen is verhoogd door de soortenkeuze (van openbaar groen) bij vervanging of vernieuwing te blijven afstemmen op de verandering van het klimaat.
  • Vergroening van tuinen (Steenbreek), daken en schoolpleinen is door middel van subsidies gestimuleerd.
  • Er is jaarlijks een publiekscampagne uitgevoerd rondom vergroenen van tuinen, afkoppelen van regenwater etc.
  • Het Uitvoeringsplan Bomenbeleidsplan is in uitvoering, waarmee een bijdrage wordt geleverd aan meer CO2 opvang en geanticipeerd wordt op klimaatverandering. We voeren uitdeelacties uit, maken een plan voor beschaduwing van wandel- en fietspaden, stellen 'boomambassadeurs aan.  In ieder straatstuk aanplanten 1 boom. 
  • We streven ernaar dat Wageningen in 2050 voldoet aan de 3-30-300 regel. Dit betekent:
    • Vanuit ieder huis zijn minstens drie bomen zichtbaar.
    • In iedere wijk is er minstens 30% kroonbedekking.
    • Niemand woont meer dan 300 meter van het dichtstbijzijnde park/koelteplek;
  • Goede bovengrondse en ondergrondse bescherming van de boom bij alle projecten in de openbare ruimte;
  • Alle nieuwbouwplannen worden natuurinclusief en klimaatadaptief gerealiseerd, waarbij minimaal 10% divers groen in de wijk wordt aangelegd. Daarnaast wordt het bestaande groen in de woonomgeving behouden en versterkt.
  • In alle lopende en nieuwe projecten in de openbare ruimte worden vergroening en klimaatadaptatie als koppelkans meegenomen.
  • Projecten ter verbetering van het groene leefklimaat en vermindering van hittestress worden uitgevoerd. Hierbij hebben we extra aandacht voor de binnenstad.  

Doel: 2.3.3 De openbare ruimte is schoon, heel en veilig.

Resultaten

  • De openbare ruimte voldoet aan de vastgestelde onderhoudsniveaus. Speeltoestellen en bomen voldoen aan de wettelijke eisen rondom veiligheid (aantoonbaar zorgvuldig handelen).
  • In 2027 stellen we een groenbeheerplan op inclusief zonering van onderhoudsniveaus. Beheer wordt hiermee beter afgestemd op vigerend beleid.  

Doel: 2.3.4 Uitvoering wettelijke taken.

Resultaten

  • De wettelijke taken worden uitgevoerd. Dit betreft:
    • Vanwege wettelijke aansprakelijkheid zorgen we voor de veiligheid van onder andere wegen, speeltoestellen (attractiebesluit) en bomen (ook opgenomen onder doel 2.3.3);
    • Begraven (wet op de lijkbezorging). 

Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Terug naar navigatie - 2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving - Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?
  • Voor het bevorderen van biodiversiteit en het versterken van het landschap in het buitengebied, zijn we afhankelijk van de medewerking van grondeigenaren. Hun bijdrage is essentieel voor het ontwikkelen van meer hagen, samengestelde landschapselementen en natuur. Daarnaast is de investeringsbereidheid van gebouweigenaren en scholen cruciaal voor de realisatie van groene gevels, daken en pleinen.
  • Voor het realiseren van de noordelijke ecologische verbindingszone hebben we de medewerking van grondeigenaren, afstemming met buurgemeenten en ondersteuning van de provincie Gelderland nodig.
  • Om de ambities waar te maken ten aanzien van een groene en biodiverse leefomgeving is voldoende capaciteit en budget nodig binnen de gemeentelijke organisatie.
  • De energietransitie vraagt om ingrepen in de ondergrond, wat ten koste kan gaan van groen en risico's heeft voor bomen.  
  • Beperkte onder- en bovengrondse ruimte voor groeiplaatsen voor bomen staan het realiseren van de ambities in de weg. Hoogtechnische oplossingen voor het planten van bomen op deze locaties zijn kostbaar en daarmee maar beperkt inzetbaar. 

2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving

2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving

Terug naar navigatie - 2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving - 2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving

Doel: 2.4.1 Implementatie Omgevingswet.

Resultaten

  • Er is een omgevingsplan voor de fysieke leefomgeving met een passend Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).
  • Er is een gemeentebrede omgevingsvisie waarin de maatschappelijke opgaven in relatie tot de fysieke leefomgeving staan.
  • Initiatiefnemers en inwoners worden gefaciliteerd bij participatie over initiatieven, op grond van het gemeentelijke participatiebeleid voor de Omgevingswet.
  • Omgevingsvergunningen die passen in de Omgevingsvisie.

Doel: 2.4.2 Een integrale uitvoering van de opgaven in de fysieke leefomgeving. 

Resultaten

  • Er zijn programma’s onder de Omgevingswet voor ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Deze programma’s vinden hun grondslag in de gemeentebrede omgevingsvisie en zijn opgenomen in het uitvoeringshoofdstuk van de visie.

Doel: 2.4.3 Beleid voor de fysieke leefomgeving, dat aansluit bij de ambitie.  

Resultaten

  • Kaders en het omgevingsplan voor de fysieke leefomgeving (wettelijk) zijn actueel en worden gehandhaafd. 
  • In de periode 2025-2032 wordt het ‘omgevingsplan van rechtswege’ stapsgewijs omgezet naar één integraal omgevingsplan voor heel Wageningen. 

Doel: 2.4.4 Ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving passen binnen onze ambitie.  

Resultaten

  • Omgevingsplan en omgevingsvergunningen maken kleinere initiatieven van derden mogelijk, die passen in onze ambitie (leges).
  • Grote ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving passen in onze ambitie en worden projectmatig uitgevoerd (grondbedrijf).
  • Programma's onder de Omgevingswet (waaronder biodiversiteitsplan, mobiliteitstransitie, erfgoed, uitvoeringskader duurzame energieopwek) geven concreet richting aan ontwikkelingen.
  • Het project Grebbedijk is voorbereid en in uitvoering.

Doel: 2.4.5 Identiteit van de stad is beleefbaar. 

Resultaten

  • Cultuurhistorie is zichtbaar in Wageningen.
  • Het Erfgoedprogramma is vastgesteld.
  • Cultuurhistorie wordt gevierd.
  • Monumenten hebben een plek in de Omgevingsplan.

Doel: 2.4.6 Uitvoering wettelijke taken. 

Resultaten

  • De wettelijke taken zijn uitgevoerd. Dit betreft: 
    • Vergunningverlening en handhaving.
    • Andere wettelijke taken op basis van de Omgevingswet
    • Monumentenzorg en archeologie.

Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Terug naar navigatie - 2.4 Een toekomstbestendige fysieke leefomgeving - Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Voor de ruimtelijke ontwikkeling van onze stad zijn we afhankelijk van beschikbare ambtelijke capaciteit en externe partijen en factoren. Dit geldt voor initiatieven, de kwaliteit hiervan en de participatie in de planvorming. Hierdoor kunnen ontwikkelingen anders lopen dan verwacht. De problematiek rondom stikstof en netcongestie  zorgt hierbij voor uitdagingen. Dit kan tot gevolg hebben dat een vereiste omgevingsplanwijziging niet wordt vastgesteld en/of een omgevingsvergunning niet wordt verleend. Hierdoor kan het dat we onze doelen niet of niet volledig halen.

2.5 Klimaatneutraal 2030-2040

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 2.5 Klimaatneutraal 2030-2040 - Wat willen we bereiken?

De gemeente Wageningen is klimaatneutraal in 2030-2040 en heeft de klimaatimpact van indirect energieverbruik zoals de voedselproductie en consumptie verminderd. Ambitie 2.1. Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit en 2.3. Een groene en biodiverse leefomgeving dragen mede bij aan deze ambitie. Via de Klimaatmonitor, een digitaal instrument dat toegankelijk is voor de hele stad, meten we de voortgang op de ambities en doelen onder de verschillende sporen van de Routekaart Klimaatneutraal. De uitkomsten delen en bespreken we jaarlijks met de raad. 

2.5 Klimaatneutraal 2030-2040

Terug naar navigatie - 2.5 Klimaatneutraal 2030-2040 - 2.5 Klimaatneutraal 2030-2040

Doel: 2.5.1 We besparen 31% energie bespaard in 2040 ten opzichte van 2018 (Klimaatmonitor).

Resultaten

  • Bij gemeentelijk vastgoed nemen we energiebesparende maatregelen en duurzame energieopwekking gerealiseerd op basis van Duurzame Meerjaren Onderhoudsplannen (DMJOPs).
  • We voeren de VvE verduurzamingsaanpak uit, bestaande uit procesondersteuning, subsidies en leningen, zodat VvE’s in staat zijn energie te besparen en hun resterende warmtevraag te verduurzamen.
  • We hebben een subsidieregeling Energiebesparing Basisscholen Wageningen 2025-2027. Basisscholen krijgen subsidie voor het realiseren van energiebesparende maatregelen, energie opwekken, of de ventilatie in het gebouw verbeteren.  
  • We voeren een isolatiesubsidieregeling uit gericht op het verduurzamen van de slechtst geïsoleerde koopwoningen en VvE's (Wageningse Isolatieactie).
  • We voeren de wijkgerichte isolatiesubsidieregeling in de Roghorst en Tarthorst uit. Dit is een onderdeel van een wijkaanpak die zorgt voor een versnelling van de verduurzaming van de gebouwde omgeving.
  • We hebben een actief energieloket om bedrijven, organisaties en verenigingen te helpen en te stimuleren bij het nemen van energiebesparende maatregelen.
  • We voeren het Convenant Schoon en Emissieloos Bouwen uit.

Doel: 2.5.2 We hebben 1847 TJ aan duurzame energie opgewekt in 2040 ten opzichte van 2018. We hebben de opgave aan duurzame elektriciteit in zonnevelden en windmolens in 2030 behaald (Klimaatmonitor).

Resultaten

  • In 2027 bepaalt de gemeente, op basis van onderzoek in 2026, welke rol de gemeente Wageningen zélf kan spelen bij het realiseren van lokale duurzame energieprojecten.    
  • De gemeente stuurt waar zij kan (proactief) op activiteiten en maatregelen om netcongestie te verminderen of hiermee om te gaan.
  • We voeren het Warmteprogramma 2026-2030 en Uitvoeringsplan Warmte Noordwest uit.
  • We stimuleren en faciliteren een duurzaam alternatief voor de gasgestookte Warmte-Kracht-Koppeling (WKK) voor het warmtenet Noordwest. De overstap op een duurzaam alternatief valt buiten de invloedsfeer van de gemeente.
  • In 2027 werken we verder aan het warmtenet voor Proeftuin Aardgasvrije Wijk Benedenbuurt. We willen hiermee starten na het investeringsbesluit, naar verwachting in 2028/2029.
  • We leveren vanuit het energieloket ondersteuning aan bedrijven en instellingen voor het plaatsen van zonnepanelen op (grote) daken. 
  • We hebben innovatieve technieken in beeld en passen deze toe waar mogelijk. Voorbeelden hiervan zijn zonnepanelen op gevels, energyhubs, windturbines op daken of lokale energienetten.
  • We realiseren windmolens op basis van de Wageningse Windvisie en de Regionale Energiestrategie (streefdatum 2030). We houden hierbij onder andere rekening met een zorgvuldige inpassing in het landschap.
  • We realiseren zonneparken op basis van Visie Buitengebied en de Regionale Energiestrategie (streefdatum 2030). We houden hierbij onder andere rekening met een zorgvuldige inpassing in het landschap.
  • In 2027 hebben we een regionaal Energieperspectief vastgesteld en de Regionale Energie Strategie doorontwikkeld (RES 2.0).
  • We vergroten het aandeel groene stroom voor de gemeentelijke aansluitingen via samenwerkingsverband EnergieWEB. Daarnaast onderzoeken we welke rol EnergieWEB heeft binnen het energiesysteem voor de stad Wageningen en binnen Regio Foodvalley.

Doel: 2.5.3 We verminderen de klimaatimpact die gepaard gaat met productie en consumptie van voedsel.

Resultaten

  • De gemeentelijke organisatie geeft het goede voorbeeld als het gaat om inkoop van duurzame (waar mogelijk biologische) producten, het aanbod van plantaardige opties, het verminderen van voedselverspilling en de verwerking van reststromen. Dit doen we voornamelijk in de kantine en de catering. We streven naar inkoop van biologisch plantgoed voor de groenvoorzieningen.
  • De voedselomgeving van Wageningen is gezonder in 2030 dan in 2021. Reclame voor ongezond voedsel in de openbare ruimte is teruggedrongen. De gemeente heeft noten- en fruitbomen in de wijken aangeplant. We gaan de vestiging van fastfoodzaken en -ramen tegen. Op evenementen is er een gezond voedselaanbod. In buurthuizen, speeltuinen en andere plekken waar kinderen en jongeren komen is er gezond voedsel beschikbaar. 
  • In 2030 is de lokale verkoop van biologische en agroecologische regionale boeren en voedselproducenten gestegen vergeleken met 2021.
  • In Wageningen bieden alle restaurants op het menu vegetarische en plantaardige opties aan. Ook is informatie over plantaardig eten makkelijk te vinden.
  • In Wageningen verspillen inwoners, bedrijven en organisaties in 2030 minder voedsel. Reststromen worden beter verwerkt.
  • Een groot aantal initiatiefnemers heeft een plek gevonden in Wageningen om stadslandbouw toe te passen of te volkstuinieren. We hebben een duurzaam pachtbeleid ontwikkeld waarmee we biologische landbouw faciliteren. Op scholen leren kinderen om zelf groente te verbouwen zonder chemische bestrijdingsmiddelen.

Doel: 2.5.4 In 2027 kunnen huishoudens die te maken hebben met energiearmoede hulp krijgen bij energiebesparing.

Resultaten

  • We bieden inwoners met energiearmoede proactief energiebesparende maatregelen, advies en ondersteuning aan.
  • De gemeente en haar sociaal-maatschappelijke partners hebben kennis van het thema energiearmoede. Ze kunnen inwoners en elkaar hier goed over informeren.
  • We hebben subsidie en ondersteuning voor inwoners met energiearmoede om hun woning te isoleren.

Doel: 2.5.5 In 2040 is alles wat de gemeente inkoopt volledig circulair. We maken zoveel mogelijk gebruik van circulaire en biobased bouwmaterialen. We zamelen slechts huishoudelijke grondstoffen in.

Resultaten

  • In 2030 gebruiken we bij nieuwe vastgoedontwikkelingen 50% circulair materiaal.
  • In 2030 is 50% van alles wat we als gemeente inkopen circulair.
  • We stimuleren lokale, circulaire initiatieven en pilots.
  • We bereiken in 2030 ten minste 75% van de Wageningse ondernemers via projecten en campagnes over circulariteit. 
  • De gemeentelijke organisatie is gecertificeerd voor de CO2-Prestatieladder 4.0 Trede 1. We streven naar 30% minder CO2 uitstoot in 2030 vergeleken met 2024.

Doel: 2.5.6 We voeren de wettelijke taken uit.

Deze wettelijke taken zijn: 

  • Het uitvoeren van de Warmtevisie.
  • Het uitvoeren van de Regionale Energiestrategie. 
  • De gemeentelijke gebouwen moeten volgens het Klimaatakkoord energieneutraal zijn in 2050. De Routekaart Klimaatneutraal zet in op 2040 als streefjaar.
  • De Wet Collectieve Warmte geeft gemeenten veel nieuwe verantwoordelijkheden met betrekking tot collectieve warmteoplossingen. We verwachten dat deze wet 1 januari 2027 ingaat. We noemen deze wet de Warmtewet 2.
  • De Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie geeft gemeenten nieuwe verantwoordelijkheden met betrekking tot de warmtetransitie. We verwachten dat deze wet ingaat op 1 juli 2026.
  • We hebben een handhavingsprogramma over de wettelijke verplichtingen met betrekking tot energiebesparing (Wet Milieubeheer, EED, kantoorpanden label C). Bedrijven en instellingen voldoen aan de wettelijke verplichtingen.

Resultaten

  • We hebben de wettelijke taken uitgevoerd. 

 

Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Terug naar navigatie - 2.5 Klimaatneutraal 2030-2040 - Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?
  • Om de doelen te behalen hebben we te maken met veel verschillende partijen en partners die individueel investeringsbeslissingen moeten maken of medewerking moeten verlenen. Dit kunnen particuliere huishoudens zijn of bijvoorbeeld grondeigenaren, buurgemeenten, bedrijven of instellingen.
  • Er is nog veel onzeker over de haalbaarheid van de plaatsing van windturbines. Onder andere natuurwetgeving, maar ook de mogelijke aanwezigheid van de wespendief. Daarnaast speelt netcongestie bij windturbines een beperkende rol en is de vraag nu vooral: hoe breng je vraag en aanbod van energie (geografisch) bij elkaar om toch ruimte te vinden.
  • Door de toenemende complexiteit in het speelveld zijn er nauwelijks tot geen initiatiefnemers die met duurzame opwekprojecten, met name zonneparken, willen starten. 
  • De landelijke en provinciale politiek stelt andere prioriteiten ten aanzien van klimaatbeleid. Daardoor hebben we te maken met conflicterend provinciaal beleid.
  • Het niet of vertraagd realiseren van een warmtenet in de Benedenbuurt kan leiden tot het later bereiken van de ambitie klimaatneutraal waaronder het doel aardgasvrij in 2040. Oorzaken hiervan kunnen zijn het complexe stakeholderveld en juridische uitdagingen rondom de vergunningen.
  • Vanwege de netcongestie situatie is het verkrijgen van een nieuwe of zwaardere elektriciteitsaansluiting de komende jaren zeer onzeker. De situatie rondom netcongestie verandert snel en is zeer onzeker, terwijl warmte(net)projecten vaak jaren duren. De verwachting is dat de komende jaren netcongestie een vertragende factor is voor het overstappen op individuele warmtepompen en de ontwikkeling van warmtenetten.

2.6 Een veilige en gezonde leefomgeving

2.7: Voldoende betaalbare, duurzame en kwalitatieve woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting.

2.7: Voldoende betaalbare woonruimte, duurzame en kwalitatieve goede woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting.

Terug naar navigatie - 2.7: Voldoende betaalbare, duurzame en kwalitatieve woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting. - 2.7: Voldoende betaalbare woonruimte, duurzame en kwalitatieve goede woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting.

Doel: 2.7.1 Versnelling en realisatie van de woningbouwproductie in Wageningen als antwoord op de huishoudensprognose.

Resultaten:

  • In de periode tussen 2020 en 2040 worden in Wageningen 3.500 woningen gerealiseerd, met hierbij een specifieke focus op 3.000 woningen tot 2030.
  • De woningbouwbehoefte wordt tweejaarlijks gemonitord. Op basis hiervan worden de aantallen te realiseren woningen indien nodig bijgesteld.
  • Er is een strategie bepaald voor de zoeklocaties voor woningbouw, waaronder de locatie de Oksel en Nieuwe Kanaal.
  • De gemeente heeft een actievere rol bij aankoop grond en vastgoed ten behoeve van de ontwikkeling van betaalbare woningen. 
  • Er komen meer woningen beschikbaar door het mogelijk maken van woningsplitsing,  woningdelen en optoppen.
  • We zetten meerdere instrumenten en interventies in ten behoeve van het versnellen en realiseren van de woningbouwopgave.

Doel: 2.7.2 Meer betaalbare en duurzame woningvoorraad.

Resultaten:

  • Bij nieuwbouwontwikkeling zetten we in op 70% betaalbare woningen in huur en koop, waarvan 30% sociale huur. 
  • De bestaande woningvoorraad wordt verder verduurzaamd, met nadruk op het uitfaseren van energielabel EFG-woningen, om energielasten te verlagen en het wooncomfort te verhogen. 
  • Het aanbod aan studentenhuisvesting voldoet aan de vraag naar kamers conform de actuele monitor studentenhuisvesting.
  • Via het nieuw op te stellen volkshuisvestingsprogramma borgen we  de woonbehoefte en woonopgave van diverse  aandachtsgroepen en de inzet op een meer betaalbare woningvoorraad en woningbouw. 
  • De huisvestingsverordening wordt aangepast op basis van de nieuwe Wet Versterking regie volkshuisvesting, die als doel heeft om onder andere meer kansengelijkheid te creëren in de huisvesting van aandachtsgroepen en urgentiecategorieën. 
  • De betaalbare sociale huurwoningvoorraad is in 2030 vergroot. Woningstichting Wageningen heeft als ambitie om 800 sociale huurwoningen te realiseren tot 2030, in diverse woningbouwplannen.
  • We werken aan het beter benutten van de bestaande voorraad  door kansen te verkennen voor het verdichten, splitsen, transformeren en optoppen van de bestaande voorraad en het stimuleren van doorstroming.
  • Nieuw te bouwen woningen zijn (bijna) energieneutraal, met aandacht voor circulariteit en natuurinclusief bouwen op basis van het Duurzaam Bouwen beleid. Dit resultaat draagt bij aan programma's 2.4 en 2.5. 
  • Wageningen faciliteert en stimuleert CPO's en collectief wonen, door deze mee te nemen in woningbouwontwikkelingen.
  • We zetten in op meer woonplekken voor starters via woningdelen,  splitsen, friendscontracten en jongerencontracten. 

Doel: 2.7.3 Voldoende groen en plekken voor ontmoeting in nieuwe en in bestaande wijken.

Resultaten:

  • Bij alle nieuwbouwplannen wordt gestreefd naar 30% kroonbedekking in de wijk. Bestaand groen wordt behouden en versterkt. Vanuit iedere woningen is er zicht op minimaal drie bomen. Op minimaal 300 meter is er vanuit elke woning verkoelend parkje aanwezig. Dit resultaat draagt bij aan programma 2.3.
  • Bij nieuwbouwontwikkelingen wordt bij de inrichting van de openbare ruimte rekening gehouden met de mogelijkheid voor ontmoeting. 

Doel: 2.7.4 Inwoners uit aandachtsgroepen wonen in stabiele en inclusieve woonplekken in de wijk volgens (regionale) afsprakenkaders, met oog voor de kracht in de wijk.

Resultaten:

  • We realiseren geclusterde- en zorggeschikte woningen  met ‘dementievriendelijk wonen’ als norm.
  • Er zijn voldoende  woonplekken in verschillende wijken voor de diverse aandachtsgroepen. We voldoen hiermee aan het regionale afsprakenkader aandachtsgroepen. 

Doel: 2.7.5 Ouderen en andere zorgvragers wonen in of stromen door naar (meer) geschikte huisvesting doordat we de bestaande woningvoorraad geschikt maken.

Resultaten:

  • Het aanbod aan nieuwe en bestaande (geclusterde) nultredenwoningen in de (sociale) huur wordt gerichter toegewezen.
  • We hebben onderzocht hoe geclusterde woonvormen en zorggeschikte woningen (meer) gerealiseerd kunnen worden. 
  • We faciliteren (pre)mantelzorg om de mogelijkheden voor huisvestingsoplossingen voor mensen die binnenkort zorg nodig hebben of gaan verlenen te vergroten. 

Doel: 2.7.6 Uitvoering wettelijke taken.

Resultaten:

  • Wettelijke taken worden uitgevoerd. Dit betreft: 
    • We voldoen aan de taakstelling van de huisvesting van statushouders in Wageningen.
    • We voeren de wet betaalbare huur en de wet goed verhuurderschap uit  met behulp van de inzet van het huurteam. 
  • De wettelijke taken worden uitgevoerd. 

Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?

Terug naar navigatie - 2.7: Voldoende betaalbare, duurzame en kwalitatieve woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting. - Welke risico’s staan deze ambitie in de weg?
  • Voor woningbouw en de inzet op wonen is de gemeente afhankelijk van ontwikkelaars, grondeigenaren, woningcorporaties en zorgpartijen/-organisaties. De gemeente heeft hier veelal een faciliterende rol. Daarnaast speelt de beschikbaarheid van woningbouwlocaties een grote rol.
  • Er zijn diverse landelijke ontwikkelingen van invloed op de woningmarkt, zoals de economische omstandigheden, netcongestie, stikstofproblematiek, lange wachttijden bij de Raad van State, demografische en maatschappelijke ontwikkelingen.
  • De taakstelling statushouders is afhankelijk van de instroom van vluchtelingen. Mondiale ontwikkelingen zijn hierop van grote invloed en moeilijk te voorspellen.
  • Op een aantal onderdelen vormt de beperkte beschikbaarheid van specifieke deskundigheid een risico.

2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet - Wat willen we bereiken?

Gemeentelijke gebouwen worden ingezet voor het huisvesten van een breed aanbod aan culturele, sociale, maatschappelijke en sportieve voorzieningen. Op basis van de analyse  van de vastgoedportefeuille (strategisch vastgoednota, 2024) bestaat er een opgave als het gaat om onderhoudsstaat en verduurzaming. En vanuit beleidsmatig perspectief ligt er een opgave om de inzet van de huidige portefeuille onder gebruikers te heroverwegen. Daar waar zowel een beleidsmatige opgave als een vastgoedopgave ligt, wordt een beknopte businesscase uitgewerkt om toekomstig bezit en gebruik te bepalen. De vastgoedtafel draagt hier aan bij, transparantie, integraliteit en een heldere scheiding tussen vraag en aanbod.

Met de centralisatie van de aanhuur-portefeuille per begin 2026, werken we aan meer grip en overzicht op gerealiseerde contracten, kosten en gebruik en wordt gestuurd op verbetering van kwaliteit en doelmatigheid van de gehuurde ruimten. 

De combinatie van de Vastgoedtafel, het afwegingskader en de centrale regie op aanhuur zorgt ervoor dat inzicht in zowel vastgoed in eigendom als aanhuur samenkomt in één integraal beeld van het gemeentelijke ruimteaanbod. Daarmee ontstaat een stevige basis voor strategische sturing, waarbij beleid, vraag en aanbod in samenhang worden afgewogen en Vastgoedbeheer en de Beleidsmedewerker Vastgoed gezamenlijk regie voeren op een toekomstbestendige vastgoedportefeuille.

2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet

Terug naar navigatie - 2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet - 2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet

Doel: 2.8.1 Het multifunctioneel gebruik van gemeentelijke gebouwen bevorderen.

Resultaten

  • Een strategisch vastgoed plan als afwegingskader welke maatschappelijke- en culturele instellingen worden gehuisvest in gemeentelijke gebouwen.

Doel: 2.8.2 Gebouwen die niet meer nodig zijn, worden verkocht of benut als potentiële locatie voor woningbouw. 

Resultaten

  • Aanwijzen van gemeentelijke gebouwen en locaties die geschikt zijn voor woningbouw op basis van het strategisch plan gemeentelijk vastgoed.
  • Niet-courant gemeentelijk vastgoed met de verwachte verkoopopbrengst zijn in beeld.

Doel: 2.8.3 Streven naar een gezonde en kostendekkende exploitatie van gemeentelijke gebouwen. 

Resultaten

  • Op basis van de strategische vastgoednota maken we een keuze over welke vrijkomende gemeentelijke gebouwen we aanhouden en eventueel nog gaan verwerven.
  • Het duurzaam in stand houden van gemeentelijke gebouwen en het klimaatneutraal maken ervan voor 2040. 

Algemene informatie programma 2

Beleidskader bereikbaarheid

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Beleidskader bereikbaarheid

Verordeningen:

  • Beleidsregels uitgifte parkeervergunningen Wageningen (2022)
  • Nota Parkeernormen Wageningen (2025)
  • Beleidsregels fietsparkeren bij kamergewijze verhuur (2022)
  • Verordening Parkeerbelastingen (2026)
  • Verordening Mobiliteitsfonds Wageningen (2025)
  • Aanwijzingsbesluit Vergunningparkeren (2025)
  • Aanwijzingsbesluit betaald parkeren (2025)
  • Algemene Plaatselijke Verordening (2025)
  • Verordening veergelden Lexkesveer (2026)
  • Parkeerverordening (2018)
  • Wegsleepverordening Wageningen (2025)
  • Regeling ontheffingen voetgangerszone Centrum (2008, actualisatie 2015)

Beleidsnota’s:

  • Omgevingsprogramma Mobiliteit Wageningen (maart 2026)
  • Visie openbare laadinfrastructuur 2030 (2022)
  • Parkeerplan Wageningen  (2015)
  • Visie Bebouwde Kom Wageningen 2045 (2024)
  • Handboek inrichting openbare ruimte (wageniningen.hior.nl) (vanaf 2024) 
  • Kansgestuurd beheer (2019)
  • Beheerplan bomen (2023-2027)
  • Beheerplan wegen (2026-2030)
  • Beheernotitie Openbare Verlichting (2026-2030)
  • Beheerplan verkeerslichtinstallaties (2026-2030)
  • Beheerplan kunstwerken (2025-2035)

Beleidskader economische ontwikkeling

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Beleidskader economische ontwikkeling

Verordeningen:

  • Verordening winkeltijden Wageningen (2021)
  • Verordening op de heffing en de invordering van reclamebelasting (2024)
  • Marktgeldverordening (2024)
  • Verordening Fysieke Leefomgeving (2022)
  • Marktverordening (2015)
  • Inrichtingsplan Wageningse markten (2017)
  • Verordening Scheepvaartrechten (2024)

Beleidsnota’s:

  • Uitvoeringsprogramma visie economie (2025)
  • Gebiedsprogramma KennisAs (2025)
  • Strategische Agenda 2026 2030 Regio Foodvalley: ‘Onderneemt Natuurlijk!’ (2025)
  • Visie Economie ‘Op weg naar een impacteconomie’ (2024)
  • Visie Bebouwde Kom (2024)
  • RPLG (Regionaal Perspectief Landelijk Gebied) (2024)
  • Beleidskader horeca en detailhandel 2023 2027 (2023)
  • Regionaal programma werklocaties 2022 2026 (2022)
  • Regionale Visie Werklocaties 2020 2030 (2021)
  • Verstedelijkingsstrategie Arnhem Nijmegen Foodvalley (2022)
  • Nota Bovenwijkse Voorzieningen (2021)
  • Beleidsregels terrassen (2021)
  • Visie Binnenstad (2015)
  • Nadere regels met betrekking tot de heffing en invordering van reclamebelasting (2012)
  • Nota grondbeleid (2009)
  • Beleidsplan Recreatie en Toerisme (2008/2009)
  • Kadernota herontwikkeling Rijnhaven (2003)
  • Onderzoeksrapport toekomst haven ‘De voortuin van Wageningen’ (2002)
  • PDV beleid regio Food Valley 2020 2025 (2021)
  • Beleidsnotitie Bed & breakfast (2009)

Overeenkomsten /convenanten:

  • Convenant Ondernemersfonds Wageningen 2024 2025
  • Samenwerkingsovereenkomst Regiodeal Food Valley 2020 2023Beleidskader ruimtelijke ontwikkeling

Verordeningen:

  • Verordening begraafrechten (2024)
  • Verordening Fysieke Leefomgeving (2022)
  • Doelgroepenverordening (2023)
  • Beleidsregels:
  • Beleidsregels woningsplitsing (2024)
  • Beleidsregels Bomenverordening (2010)
  • Beleidsregels "Beleid Monumentale Bomen Wageningen"
  • Beleidsregels camping de Wielerbaan 2017
  • Beleidsregels handhaving basisfunctie Openbare Ruimte (2005)
  • Beleidsnota’s:
  • Groenbeleidsplan (2017)
  • Bomenbeleidsplan (2024)
  • Biodiversiteitsplan (2024)
  • Nota Grondbeleid (2024)
  • Nota Bovenwijkse voorzieningen (2021)
  • Welstandsnota gemeente Wageningen 2018
  • Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats en gedenkpark “De Leeuwerenk” 2019
  • Beleidsnotitie openbare verlichting (2012)
  • Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving VTH-Beleid gemeente Wageningen
  • Deltaplan Biodiversiteit (2022)
  • Routekaart Wageningen Klimaatneutraal 2030-40 (2022)
  • Visie bebouwde kom (2024)
  • Beleid collectieve wooninitiatieven Wageningen (2024)
  • Herijkte woningmarktstrategie (2024)
  • Visie Buitengebied (2020)
  • Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) (2024)
  • Beleidsnota Monumentenzorg 1992
  • Uitvoeringsbeleid
  • Aanpak Invasieve exotische plantensoorten (2026) 
  • Ecologisch maaibeheer (2025)
  • Plaagdierenbestrijding (2025)
  • Participatie in het groen (2025)

Beleidskader ruimtelijke ontwikkeling

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Beleidskader ruimtelijke ontwikkeling

Verordeningen:

  • Verordening begraafrechten (2024)
  • Verordening Fysieke Leefomgeving (2022)
  • Doelgroepenverordening (2023)

Beleidsregels:

  • Beleidsregels woningsplitsing (2024)
  • Beleidsregels Bomenverordening (2010)
  • Beleidsregels "Beleid Monumentale Bomen Wageningen"
  • Beleidsregels camping de Wielerbaan 2017
  • Beleidsregels handhaving basisfunctie Openbare Ruimte (2005)

Beleidsnota’s:

  • Groenbeleidsplan (2017)
  • Bomenbeleidsplan (2024)
  • Biodiversiteitsplan (2024)
  • Nota Grondbeleid (2024)
  • Nota Bovenwijkse voorzieningen (2021)
  • Welstandsnota gemeente Wageningen 2018
  • Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats en gedenkpark “De Leeuwerenk” 2019
  • Beleidsnotitie openbare verlichting (2012)
  • Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving VTH-Beleid gemeente Wageningen
  • Deltaplan Biodiversiteit (2022)
  • Routekaart Wageningen Klimaatneutraal 2030-40 (2022)
  • Visie bebouwde kom (2024)
  • Beleid collectieve wooninitiatieven Wageningen (2024)
  • Herijkte woningmarktstrategie (2024)
  • Visie Buitengebied (2020)
  • Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) (2024)
  • Beleidsnota Monumentenzorg 1992

Uitvoeringsbeleid

  • Aanpak Invasieve exotische plantensoorten (2026) 
  • Ecologisch maaibeheer (2025)
  • Plaagdierenbestrijding (2025)
  • Participatie in het groen (2025)

Beleidskader klimaat

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Beleidskader klimaat

Verordeningen:

  • Algemene subsidieverordening (2012)
  • Afvalstoffenverordening Wageningen (2024)

Beleidsnota’s:

  • Routekaart Wageningen Klimaatneutraal 2030-40 (2022)
  • De Wageningse Windvisie (2021)
  • Beleidsnotitie Duurzaam Bouwen Wageningen 2017-2021
  • Visie Buitengebied (2020)
  • Visie Wageningen 2045 (2024)
  • Regionale Energiestrategie Regio Foodvalley 1.0. (RES RFV 1.0.) 2021
  • Bodemkwaliteitskaart 2018 en nota bodembeheer (2012)
  • Afvalbeleidsplan (2012)
  • Verbreed Gemeentelijk rioleringsplan (2011-2015)
  • Beleidsregels hogere waarde Wet Geluidhinder (2008)
  • Waterplan (2005)
  • Baggerplan (2003-2012)
  • Optimalisering afvalwaterstudie (2002)
  • Voedselagenda (2021)
  • Regionaal Perspectief Landelijk Gebied (2024)
  • Warmtevisie, naar een CO2-vrij verwarmd Wageningen (2021)
  • Bomenbeleidsplan (2024) 
  • Biodiversiteitsplan (2025) 
  • Groenbeleidsplan (2017)
  • Beleid verduurzaming VvE (2024)

Beleidskader wonen

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Beleidskader wonen

Verordeningen:

  • Huisvestingsverordening Wageningen (2026)
  • Doelgroepenverordening Wageningen (2023)

Beleidsnota’s:

  • Beleidsregels pré-mantelzorgwoningen (2026)
  • Beleidslijn short stay (2026)
  • Programma Kostenverhaal (2025)
  • Beleidsnota woningsplitsing (2024)
  • Herijking woningmarktstrategie (2024)
  • Beleidskader collectieve woonvormen (2024)
  • Visie Bebouwde Kom (2024)
  • Woonzorgvisie (2024)
  • Nota Grondbeleid 2024-2028 (2024)
  • Beleidsregels zelfbewoning  (2023) 
  • Prestatieafspraken De Woningstichting 2026-2027
  • Prestatieafspraken Idealis 2023-2026
  • Locatie-onderzoek woningbouw (2022)
  • Beleidsregels kamergewijze verhuur (2021)
  • Notitie integrale afweging potentiële locaties voor studentenhuisvesting Wageningen (2017)
  • Duurzaam Bouwen Beleid Wageningen 2022-2026 (2021)

Convenanten:

  • Convenant WAC (2021)

Beleidskader Vastgoed

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Beleidskader Vastgoed

De Strategische Vastgoednota(eind 2024) vormt het kader voor het gemeentelijk vastgoedbeleid en richt zich op het optimaliseren van de vastgoedportefeuille in relatie tot de beleidsdoelstellingen. 

Op basis van de analyse  van de vastgoedportefeuille bestaat er een forse opgave als het gaat om onderhoudsstaat en verduurzaming. Vanuit beleidsmatig perspectief ligt er een opgave om aan de hand van de Strategische Vastgoednota de inzet van de huidige portefeuille onder gebruikers te heroverwegen. Voor gebouwen waar zowel een beleidsmatige opgave als een vastgoedopgave ligt, wordt een beknopte business cases uitgewerkt om toekomstig bezit en gebruik te bepalen.

Onderdeel van de Strategisch Vastgoednota is het advies om huisvestingsvraagstukken integraal te beoordelen en vraag en aanbod van vastgoed beter op elkaar af te stemmen. Hierbij wordt een eenduidig afwegingskader gehanteerd, waarmee de vastgoedportefeuille beter kan worden afgestemd op de behoeften vanuit verschillende beleidsterreinen. Hiervoor is de Vastgoedtafel ingericht. De Vastgoedtafel draagt bij aan transparantie, integraliteit en een heldere scheiding tussen vraag en aanbod.

Vanaf 2026 is de aanhuur van externe ruimte centraal belegd bij team Vastgoedbeheer.  Met deze centralisatie wordt meer grip en overzicht gerealiseerd op contracten, kosten en gebruik, en wordt gestuurd op verbetering van kwaliteit en doelmatigheid van gehuurde ruimten. Tevens worden financiële, juridische en operationele risico’s beter beheerst en worden afdelingen ondersteund.

De Meerjaren Onderhoudsplannen (MJOP) zijn eind 2023 geactualiseerd en worden cyclisch bijgewerkt waardoor dezen up te date blijven. Op basis hiervan wordt het onderhoud van de gebouwen de komende jaren planmatig uitgevoerd. De MJOP’s vormen de basis voor de voorziening van vastgoedbeheer. De MJOP’s worden uitgebreid met Verduurzaming (D-MJOP’s).

De combinatie van de Vastgoedtafel, het afwegingskader en de centrale regie op aanhuur zorgt ervoor dat inzicht in zowel vastgoed in eigendom als aanhuur samenkomt in één integraal beeld van het gemeentelijke ruimteaanbod. Daarmee ontstaat een stevige basis voor strategische sturing, waarbij beleid, vraag en aanbod in samenhang worden afgewogen en Vastgoedbeheer en de Beleidsmedewerker Vastgoed gezamenlijk regie voeren op een toekomstbestendige
vastgoedportefeuille.

Betrokkenheid verbonden partijen Programma 2

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Betrokkenheid verbonden partijen Programma 2

Regio Foodvalley

Regio Foodvalley is een samenwerkingsverband van 8 gemeenten met in totaal 365.000 inwoners.  Het aantal inwoners groeit naar 500.000 in 2040. De gemeente Wageningen neemt deel aan Regio Foodvalley via een gemeenschappelijke regeling om een aantal doelen uit haar programma te bereiken.

Regio Foodvalley is de opdrachtgever voor de programma's 'Toekomstbestendige economie' (Food & Toekomstbestendige landbouw, Innovatief MKB, Human Capital) en 'Verantwoorde groei' (landschap, natuur & water, Toekomstbestendige landbouw, Wonen, Energie, Mobiliteit, Ruimte voor economie).  

De Bereikbaarheidsagenda voor Regio Foodvalley biedt een richtinggevend kader voor 2030. Hiermee zijn de ambities van de regio vertaald naar een duidelijke koers voor de ontwikkeling en de uitvoering van het regionale mobiliteitsbeleid. Dit is van belang voor de doelstelling om de bereikbaarheid optimaal te houden en om verduurzaming van mobiliteit te bewerkstelligen. 

Op het gebied van economie zijn deze doelen onder meer het ontwikkelen van het juiste aanbod van bedrijventerreinen, het versterken van het kennisecosysteem rondom Food, marketing en acquisitie, gezamenlijke profilering en lobby in Brussel. Gemeenten leveren ambtelijke capaciteit voor uitvoering van regionale opgaven. De regio ontwikkelt beleid en adviseert provincies, het Rijk en de Europese Commissie over wetten en regels. Ook coördineert de regio een uitvoeringsprogramma, dat een groot aantal projecten behelst. Deze projecten worden door samenwerkende gemeenten uitgevoerd.

Ondernemers, onderwijs en overheid werken samen in de Triple Helix Foodvalley. Het doel van de samenwerking is een economische topregio op het gebied van Food te worden. Hiervoor heeft de Triple Helix de Strategische Agenda 2026 2030 Regio Foodvalley: ‘Onderneemt Natuurlijk!’ opgesteld. Een agenda voor de komende jaren waarin ondernemers, onderwijs en overheid samen de koers voor de regio bepalen op thema’s als economie, food, landelijk gebied, wonen en werken, bereikbaarheid en energie. Voor het realiseren van de ambities van de Strategische Agenda wordt er een werkprogramma opgesteld.

Op het gebied van klimaat, afval en bodem stemmen we af met andere partijen. Waar nodig werken we samen. Op gebied van klimaat wordt in opdracht van het Rijk gewerkt aan een Regionale Energiestrategie.

Op het gebied van wonen zijn deze doelen onder meer het realiseren van voldoende en betaalbare huur- en koopwoningen, voor alle inkomensgroepen in de Regio Foodvalley. Dit wordt uitgewerkt in het toekomstbestendig maken van de bestaande woningvoorraad en het voorzien in de (nieuwe) woningbehoefte van starters, ouderen, studenten, kenniswerkers en doorstromers.

Omgevingsdienst De Vallei

De Omgevingsdienst De Vallei (OddV) voert in opdracht van de gemeente taken uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu en bouwen.

Euregio Rijn-Waal

Regionale grensoverschrijdende samenwerking van haar leden met als doel de grensoverschrijdende samenwerking op ruimtelijk en sociaal terrein te bevorderen, te ondersteunen en te coördineren. O.a. door de uitvoering van projecten en het aanvragen van financiële middelen. Tevens advisering aan leden, burgers, bedrijven, organisaties, overheden en andere instellingen bij grensoverschrijdende activiteiten en problemen.

Afvalcombinatie De Vallei (ACV)

Voor de inzameling van huishoudelijk afval, straat- en rioolreiniging, gladheidsbestrijding en plaagdierbestrijding werkt de gemeente samen met ACV. ACV is een naamloze vennootschap met verschillende dochterondernemingen. De aandelen zijn in het bezit van de gemeenten Ede, Wageningen, Renkum, Renswoude en Veenendaal. ACV Gemeenten voert de opdrachten van de deelnemende gemeenten uit.

Joint Warmte B.V.

Joint Warmte B.V. De gemeente Wageningen is samen met bewonerscoöperatie Warmtenet Oost-Wageningen U.A. (50/50) eigenaar Joint Warmte B.V. Joint Warmte is 100% eigenaar van Warmtebedrijf Oost-Wageningen B.V. Het warmtebedrijf is eigenaar en beheerder van het nog aan te leggen duurzame warmtenet in de Benedenbuurt.

De onderstaande partijen zijn in formele zin geen verbonden partijen, maar wel relevant voor de realisatie van de doelstellingen uit het programma:

Platform Water Vallei en Eem 
Platform Water Vallei en Eem is een samenwerkingsverband dat zich richt op verschillende aspecten van waterbeheer. Voorbeelden van producten die voortkomen uit de samenwerking zijn gezamenlijk meten en monitoren en de Klimaatatlas. De gemeente Wageningen is geen individueel gesprekspartner richting het DPRA (Delta Programma Ruimtelijk Adaptatie), maar dit is belegd bij het platform.

Platform ruimte voor lopen
De gemeente Wageningen is partner van het Platform ruimte voor lopen. Dit platform is een samenwerking van organisaties en professionals die willen bijdragen aan meer ruimte voor lopen in Nederland. Het maakt het gezamenlijk belang van lopen zichtbaarder.

Samenwerking Gebiedsontwikkeling Grebbedijk
De Samenwerkingsovereenkomst Planuitwerkingsfase Gebiedsontwikkeling Grebbedijk is gesloten. De partners zijn:

·         Waterschap Vallei en Veluwe

·         Provincies Gelderland en Utrecht

·         Gemeenten Wageningen en Rhenen

·         Rijkswaterstaat Oost-Nederland 

·         Staatsbosbeheer

·         Stichting Het Utrechts Landschap.

De overeenkomst heeft als doel om het vastgestelde voorkeursalternatief voor de gebiedsontwikkeling verder uit te werken tot een definitief ontwerp. Het gaat daarbij om een goedgekeurd projectbesluit voor de dijkversterking, de nodige vergunningen en andere besluiten  en een aanbestedingsdossier voor de uitvoering van het project. 

Servicehuis Parkeer- en Verblijfsrechten (SHPV)
De gemeente Wageningen is lid van het SHPV. SHPV is een landelijk opererende coöperatie van gemeenten. Het SHPV beheert het Nationaal Parkeerregister. Dit is een digitaal platform waarmee parkeerrechten en parkeerheffingen worden afgehandeld. 

Stichting Wageningse Eng (statuten), TAWE (reglement)

Voor de uitvoering van projecten die de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden van de Eng behouden en versterken, werkt de gemeente samen met de Stichting Wageningse Enge (SWE). De missie en visie van de SWE staan in de statuten van de stichting. Om de diverse belangen van en op de Wageningse Eng verder te verankeren, heeft het gemeentebestuur een Territoriale Adviescommissie Wageningse Eng (TAWE) ingesteld. Deze commissie is door het college van burgemeester en wethouders ingesteld en benoemd via een artikel 84-commissie/verordening. De TAWE adviseert, zowel gevraagd als ongevraagd, het college van burgemeester en wethouders over gemeentelijke beleidsontwikkelingen, vergunningverlening en andere zaken met betrekking tot de Wageningse Eng.

Adviescommissie Wageningse Berg (Bergcommissie)

De Bergcommissie bestaat uit een aantal mensen met specialismen in onder andere ecologie, bodemkunde en erosie. De Bergcommissie adviseert gevraagd en ongevraagd het college over de Wageningse berg. Het belang hierbij is het behoud en bevordering van de unieke waarden van de Berg. Het richt zich met name op instandhoudingsbeheer van de unieke natuurwaarde van het gebied. Maar ook de landschappelijke, recreatieve en cultuurhistorische waarden.

Adviescommissie Binnenveld en Uiterwaarden (ABU)

De Adviescommissie Binnenveld en Uiterwaarden (ABU) geeft advies aan het college van burgemeester en wethouders, zowel gevraagd als ongevraagd. Het gaat om van activiteiten in de fysieke leefomgeving van het Binnenveld, inclusief het transformatiegebied, en de Uiterwaarden. Dit kan gaan over omgevingsvergunningen, maar ook over (nog te ontwikkelen) beleid. Ongevraagd advies zal ‘goed afgewogen en neutraal’ zijn, gebaseerd op de aanwezige plannen, gemeentelijke ambities en de realisatie daarvan op een specifieke locaties. De commissie bestaat uit 5 onafhankelijke en gemotiveerde inwoners van Wageningen.

Stadsagenda

De samenwerking tussen Wageningen University and Research (WUR) en de gemeente Wageningen met als doel de kennis en expertise vanuit de WUR lokaal in Wageningen toe te passen. 

Overige partijen

  • Samen met de partners gemeente Ede en de provincie Gelderland, en in samenwerking met Regio Foodvalley en Foodvalley NL, werken we aan de versterking van het vestigingsklimaat in het kennishart Ede-Wageningen.
  • Het programma Binnenstad wordt uitgevoerd met betrokkenheid van ondernemers, bewoners en andere betrokkenen bij de binnenstad. Formele spelers hierbij zijn de Stichting Ondernemersfonds Wageningen (SOW), de WOC-afdeling detailhandel en afdeling Wageningen van de Koninklijke Horeca Nederland.
  • Voor het realiseren van de doelen uit de Visie Economie werken we samen met de Wageningen Economic Board (WEB), een triple helix samenwerking op lokaal niveau met vertegenwoordigers van het Wageningse Bedrijfsleven, kennisinstellingen, onderwijs en gemeente.
  • Klimaatpartners is een netwerk van lokale en regionale partners die de Wageningse klimaatambities onderschrijven. Het netwerk bestaat uit strategische partners die betrokken zijn bij bijhorende strategische gesprekken en besluitvorming. Daarnaast is er een stadsbreed netwerk dat elkaar ontmoet in laagdrempelige netwerkbijeenkomsten met als doel te inspireren en te stimuleren.
  • Het Opheusdens Veer voert de veerdiensten uit tussen Wageningen en Opheusden. Dit is van belang voor de bereikbaarheid van Wageningen.

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Algemene informatie programma 2 - Wat mag het kosten?

De lasten, baten (inclusief reservemutaties) en het saldo van het programma Wageningen fysiek zijn als volgt:

Bedragen x € 1.000 Werkelijk 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Raming 2028 Raming 2029 Raming 2030
Totale lasten 39.941 39.962 40.452 41.785 42.888 45.043
Totale baten 28.149 23.091 21.366 20.512 20.978 21.998
Totaal saldo -11.791 -16.871 -19.087 -21.273 -21.910 -23.045

In onderstaande tabel is de verdeling van de baten en lasten per ambitie opgenomen:

Bedragen x € 1.000 Werkelijk 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Raming 2028 Raming 2029 Raming 2030
LASTEN
2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit 6.192 7.273 7.294 7.343 8.525 8.160
2.2 Een aantrekkelijk sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat 4.070 3.374 3.410 3.822 4.286 6.434
2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving 5.973 5.871 5.895 6.225 6.400 6.574
2.4 Een toekomstgbestendige fysieke leefomgeving 8.467 8.433 8.057 7.884 7.281 7.053
2.5 Klimaatneutraal 2030-2040 3.922 2.654 3.334 3.343 3.146 3.218
2.6 Een veilige en gezonde leefomgeving 8.250 8.539 8.833 9.259 9.406 9.694
2.7 Voldoende betaalbare woonruimte, duurzame en kwalitatieve goede woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting. 849 1.046 546 559 497 493
2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet 2.216 2.772 3.083 3.350 3.347 3.417
Totale lasten 39.941 39.962 40.452 41.785 42.888 45.043
BATEN
2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit 2.403 3.059 3.417 2.639 3.528 2.721
2.2 Een aantrekkelijk sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat 3.112 1.997 1.366 1.883 2.282 4.372
2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving 2.266 1.338 1.051 1.155 1.135 1.089
2.4 Een toekomstgbestendige fysieke leefomgeving 5.897 4.790 3.558 2.922 2.498 1.925
2.5 Klimaatneutraal 2030-2040 2.659 739 1.147 286 15 15
2.6 Een veilige en gezonde leefomgeving 9.524 9.604 9.929 10.421 10.594 10.933
2.7 Voldoende betaalbare woonruimte, duurzame en kwalitatieve goede woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting. 1.317 52 22 22 23 24
2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet 971 1.511 875 1.184 904 918
Totale baten 28.149 23.091 21.366 20.512 20.978 21.998
SALDO
2.1 Infrastructuur en duurzame bijdrage mobiliteit -3.790 -4.214 -3.877 -4.705 -4.997 -5.439
2.2 Een aantrekkelijk sociaal, duurzaam en circulair economisch klimaat -957 -1.377 -2.044 -1.940 -2.004 -2.061
2.3 Een groene en biodiverse leefomgeving -3.707 -4.533 -4.844 -5.070 -5.265 -5.485
2.4 Een toekomstgbestendige fysieke leefomgeving -2.570 -3.643 -4.499 -4.962 -4.783 -5.128
2.5 Klimaatneutraal 2030-2040 -1.263 -1.915 -2.187 -3.057 -3.131 -3.203
2.6 Een veilige en gezonde leefomgeving 1.274 1.065 1.096 1.163 1.188 1.240
2.7 Voldoende betaalbare woonruimte, duurzame en kwalitatieve goede woningen voor elke Wageninger, in groene wijken met plek voor ontmoeting. 468 -994 -524 -537 -474 -470
2.8 Gemeentelijke gebouwen worden multifunctioneel ingezet -1.245 -1.261 -2.208 -2.166 -2.443 -2.499
Totaal Saldo -11.791 -16.871 -19.087 -21.273 -21.910 -23.045