Bij de financieringsparagraaf gaat het om de wijze waarop de gemeente benodigde geldmiddelen aantrekt en (tijdelijk) overtollige geldmiddelen wegzet. De financieringsparagraaf in de begroting en in de jaarrekening is, samen met het Financieringsstatuut, een middel voor het sturen, beheersen en controleren van de uitvoering van de financieringsfunctie én om deze transparant en inzichtelijk te maken.
Aan de bepaling van het financieringsbeleid van gemeenten is een aantal randvoorwaarden verbonden. Deze randvoorwaarden zijn vastgelegd in de Gemeentewet en de Wet financiering decentrale overheden (wet Fido). Gemeente Wageningen heeft zelf kaders en regels vastgelegd in de Financiële verordening en in een zogenaamd Financieringsstatuut.
In de Financiële verordening zijn de hoofdlijnen van de financieringsfunctie van de gemeente Wageningen opgenomen. In het Financieringsstatuut is dit verder uitgewerkt en is de beleidsmatige infrastructuur van de financieringsfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het statuut maakt een objectieve en transparante verantwoording vooraf en achteraf mogelijk. Beide documenten zijn in de afgelopen jaren geactualiseerd. Het Financieringsstatuut van de gemeente Wageningen is in 2024 geactualiseerd en in november 2024 vastgesteld door het college. Het college heeft de raad hierover eind 2024 geïnformeerd via een informatienota. De Financiële verordening is in de 2e helft van 2025 geactualiseerd en aangepast aan de nieuwe wettelijke regels voor de rechtmatigheidsverantwoording in deze jaarrekening 2025.
In het geldbeheer wordt een belangrijk risico gevormd door het verstrekken van geldleningen. Daarom is dit aan strenge regels gebonden. De uitgangspunten en voorwaarden voor het uitzetten van (overtollige) geldmiddelen en garantiestellingen zijn uitgewerkt in de verordening leningverstrekking en garantieverlening
(vastgesteld door de raad in januari 2021). In lijn met de wet Fido bepaalt het Financieringsstatuut dat de gemeente leningen en garanties uitsluitend mag verstrekken aan derde partijen op grond van de uitvoering van de publieke taak. In de verordening is de financieringssteun voor de publieke taak nader uitgewerkt, inclusief mogelijke weigeringsgronden.
Bij het aantrekken van geldleningen vindt op basis van het statuut een nauwkeurige afweging plaats tussen de financiële positie, de aanwezige leningenportefeuille, een recente liquiditeitsplanning en een actuele rentevisie. De looptijd van de leningen wordt afgestemd op de liquiditeitsbehoefte op (middel-)langere termijn.