Financiële samenvatting

Deze financiële samenvatting biedt op hoofdlijnen inzicht in de financiële uitkomsten van 2025. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de belangrijkste verschillen tussen begroting en realisatie en op de financiële positie per 31 december 2025. De bedragen in de tabellen zijn opgenomen in duizenden euro’s. Een toelichting op de gebruikte financiële begrippen is opgenomen in de bijlagen.

Overzicht baten en lasten 2025

Terug naar navigatie - Financiële samenvatting - Overzicht baten en lasten 2025
Exploitatie Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil 2025
01 Wageningen Sociaal -56.417 -54.813 1.604
02 Wageningen Fysiek -15.405 -11.899 3.506
03 Bestuur en organisatie 80.633 77.372 -3.260
Saldo van baten en lasten voor reservemutaties 8.811 10.660 1.849
01 Wageningen Sociaal 1.219 834 -386
02 Wageningen Fysiek -255 108 362
03 Bestuur en organisatie 150 70 -80
Mutaties Reserves 1.115 1.012 -103
Resultaat na reservemutaties 9.926 11.672 1.746

Resultaat 2025

Terug naar navigatie - Financiële samenvatting - Resultaat 2025

Deze financiële samenvatting biedt op hoofdlijnen inzicht in de financiële uitkomsten van 2025. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de belangrijkste verschillen tussen begroting en realisatie en op de financiële positie per 31 december 2025. De bedragen in de tabellen zijn opgenomen in duizenden euro’s. Een toelichting op de gebruikte financiële begrippen is opgenomen in de bijlagen.

Overzicht baten en lasten 2025

Exploitatie

Begroting 2025 na wijziging

Realisatie 2025

Verschil 2025

01 Wageningen Sociaal

 -56.417

 -54.813

 1.604

02 Wageningen Fysiek

 -15.405

 -11.899

 3.506

03 Bestuur en organisatie

 80.633

 77.372

 -3.260

Saldo van baten en lasten voor reservemutaties

 8.811

 10.660

 1.849

01 Wageningen Sociaal

 1.219

 834

 -386

02 Wageningen Fysiek

 -255

 108

 362

03 Bestuur en organisatie

 150

 70

 -80

Mutaties reserves

 1.115

 1.012

 -103

Resultaat na reservemutaties

 9.926

 11.672

 1.746

 

Resultaat 2025

De jaarrekening 2025 sluit na reservemutaties met een positief resultaat dat € 1,7 miljoen hoger is dan begroot. In deze financiële samenvatting lichten wij de grootste afwijkingen ten opzichte van de begroting toe. Voor de volledige analyse van alle financiële afwijkingen verwijzen wij naar de toelichting op de baten en lasten in de jaarrekening. Om de duiding te vereenvoudigen, zijn de belangrijkste afwijkingen ondergebracht in drie categorieën:

1.  Externe financiële ontwikkelingen;

2.  Incidentele en niet-beïnvloedbare afwijkingen;

3.  Afwijkingen door sturing en/of uitvoering.

 

Per categorie zijn hieronder de grootste afwijkingen opgenomen, gevolgd door een bestuurlijke toelichting.

Externe financiële ontwikkelingen

Programma

Externe financiële ontwikkelingen

Afwijking (x € 1.000)

V / N

2

Opbrengst van de niet begrote bonus-SPUK Realisatiestimulans Woningbouw

              1.036

V

1

Bonus-SPUK voor de realisatie van duurzame opvangplekken voor vluchtelingen

               600

V

3

Decembercirculaire gemeentefonds 2025

               172

V

 

Totaal

1.808

V

Binnen deze categorie gaat het om middelen die het Rijk gedurende het jaar beschikbaar heeft gesteld en die niet meer in de begroting 2025 konden worden verwerkt. De grootste afwijking betreft de bonus-SPUK Realisatiestimulans Woningbouw van € 1,0 miljoen, samenhangend met de realisatie van 148 betaalbare woningen. Daarnaast is € 0,6 miljoen ontvangen voor duurzame opvangplekken voor vluchtelingen. Ook de decembercirculaire gemeentefonds 2025 leidde tot een extra voordeel van € 0,2 miljoen. Deze posten hebben het resultaat positief beïnvloed, maar zijn niet het gevolg van een inhoudelijke bijstelling van gemeentelijk beleid.

Incidentele en niet beïnvloedbare afwijkingen

Programma

Incidentele en niet beïnvloedbare afwijkingen

Afwijking t.o.v. begroting (x € 1.000)

V / N

3

Extra dotatie voorziening wethouderspensioenen i.v.m. ingroei bij het pensioenfonds per 1-1-2028

                -1.544

N

3

Naheffing Belastingdienst btw & BCF 2021-2023 en loonheffing 2020

                -1.341

N

3

Incidenteel hogere dotatie voorziening wachtgelden voormalige wethouders

                 -281

N

 

Totaal

-3.166

N

Deze categorie bevat vooral incidentele lasten die het resultaat in 2025 negatief hebben beïnvloed. De grootste post is de extra dotatie aan de voorziening voor wethouderspensioenen van € 1,5 miljoen, samenhangend met de overgang naar het ABP (pensioenfonds) per 1 januari 2028. Daarnaast is sprake van naheffingen van de Belastingdienst van in totaal € 1,3 miljoen voor btw, Btw-compensatiefonds (BCF) en loonheffing over voorgaande jaren. Tot slot is een incidenteel hogere dotatie aan de voorziening voor wachtgelden van voormalige wethouders verwerkt van € 0,3 miljoen. Deze posten zijn niet structureel, maar drukken wel op het resultaat van 2025.

Afwijkingen door sturing en/of uitvoering

Programma

Afwijkingen door sturing en/of uitvoering

Afwijking t.o.v. begroting (x € 1.000)

V / N

3

Minder salarislasten en personele inhuur

                  872

V

2

Hogere bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen

                  865

V

1, 2 en 3

Budgetoverhevelingen en reserveringen voor meerjarige projecten

                  701

V

2 en 3

Diverse financiële afwijkingen waarvan wordt voorgesteld om het geld beschikbaar te houden voor de betreffende beleidsdoelstellingen

                  699

V

1 en 2

Technisch foutieve ramingen in de begroting die tot een voordeel leiden

                  394

V

1, 2 en 3

Alle overige financiële voordelen

                  829

V

3

Projectcontrol en -beheersing: minder ureninzet op grex/ kostenverhaallocaties en projecten

                 -751

N

3

Projectcontrol en -beheersing: door bovenstaande lagere ureninzet is er ook minder dekking gerealiseerd voor de overhead van de organisatie

                 -505

N

 

Totaal

3.104

V

Deze categorie laat zien waar uitvoering, ramingen en beheersing hebben geleid tot afwijkingen ten opzichte van de begroting. Er is een voordeel van € 0,9 miljoen door lagere salarislasten en personele inhuur. Dit voordeel hangt samen met onbenutte vacatureruimte en met het kunnen toerekenen en declareren van ambtelijke uren aan projectgelden, onder meer voor klimaat en energie, opvang van ontheemden uit Oekraïne, de inrichting van overheidsbrede loketten en de uitvoering van de Omgevingswet. Dat maakt dit voordeel gedeeltelijk incidenteel van aard en gedeeltelijk structureel. Ook zijn de bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen € 0,9 miljoen hoger uitgekomen dan begroot. Deze bijdrage hangt samen met de voortgang en afrekening van ruimtelijke ontwikkelingen en moet daarom worden gezien als een uitvoeringsafwijking binnen het fysieke domein. De ontvangst is incidenteel van aard en wordt voorgesteld toe te voegen aan de reserve bovenwijkse voorzieningen. Verder leiden budgetoverhevelingen en reserveringen voor meerjarige projecten (€ 0,7 miljoen) en andere middelen die beschikbaar moeten blijven voor bestaande beleidsdoelen (€ 0,7 miljoen) tot een voordelig resultaat in 2025, zonder dat sprake is van vrij besteedbare ruimte. Ook is sprake van technisch foutieve ramingen die per saldo een voordeel van € 0,4 miljoen opleveren.

Daartegenover staan nadelen in het kader van projectcontrol en -beheersing, doordat minder uren zijn gerealiseerd op grondexploitaties, kostenverhaallocaties en projecten en daardoor ook minder overhead kon worden toegerekend. Het effect hiervan is dat meer lasten drukken op het huidige jaar 2025.

Financiële positie

De beschikbare weerstandscapaciteit is het geheel aan middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken.
In onderstaande tabel is te zien hoe de beschikbare weerstandscapaciteit zich in 2025 heeft ontwikkeld:

Onderdeel (x € 1.000)

Rekening 2025

Algemene Reserve

13.840

Onvoorziene uitgaven

21

Positieve saldi

11.672

Totaal

25.533

Ondergrens

5.000

Bovengrens

7.500

Weerstandscapaciteit

7.500

Weerstandsvermogen

Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. Deze ratio geeft weer in welke mate financiële risico’s kunnen worden opgevangen en geeft daarmee inzicht in de robuustheid van de begroting en de financiële weerbaarheid van de gemeente. Dus op de mogelijkheden om op korte termijn financiële tegenvallers te kunnen opvangen zonder direct in de begroting en de beleidsambities te hoeven ingrijpen.
Het weerstandsvermogen wordt berekend door de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de benodigde weerstandscapaciteit. Per 31 december 2025 bedraagt het weerstandsvermogen:

Onderdeel

Rekening 2025

Beschikbare weerstandscapaciteit

7.500

Benodigde weerstandscapaciteit

7.395

Weerstandsvermogen

1,01

Kwalificatie weerstandsvermogen

Ruim voldoende

Als norm is gesteld dat het weerstandsvermogen tenminste 1,0 (kwalificatie ‘Ruim voldoende’) moet bedragen. Aan deze norm wordt op 31 december 2025 voldaan, met een ratio van 1,01 met bijbehorende kwalificatie ‘Ruim voldoende’. 

Overige financiële kengetallen

In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van een aantal belangrijke financiële kengetallen. De wettelijk verplichte kengetallen zijn: netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen), solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. De kapitaallastenratio is een eigen kengetal van gemeente Wageningen.

Financiële kengetallen

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

Netto schuldquote

18,3%

31,9%

16,9%

Netto schuldquote gecorrigeerd

11,8%

29,0%

8,0%

Solvabiliteitsratio

47,8%

46,5%

52,5%

Structurele exploitatieruimte

9,1%

7,4%

8,4%

Grondexploitatie

6,4%

0,5%

5,3%

Belastingcapaciteit

95,1%

86,7%

86,7%

Kapitaallastenratio

2,5%

3,1%

3,0%


Toelichting bij de kengetallen

Per kengetal geven we hieronder aan hoe het zich verhoudt tot de (streef)norm. Om de inzichtelijkheid te vergroten, begint ieder kengetal met een korte uitleg.

Netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Om duidelijk te maken wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast, wordt de netto schuldquote berekend zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Voor het kengetal Netto schuldquote, zonder en met correctie, geldt de norm: Wageningen valt altijd in de categorie < 90.

De solvabiliteitsratio
Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen (balanstotaal). Voor het kengetal solvabiliteitsratio wordt uitgegaan van de volgende norm: Wageningen scoort niet lager dan 30%.
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen op de lange termijn te voldoen. De solvabiliteitspositie geeft een indicatie van het aanwezige buffervermogen om financiële risico’s en tekorten in de toekomst op te kunnen vangen.

Structurele exploitatieruimte
Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten.
Bij een jaarrekening is er geen sprake van een raming na het rekeningjaar. Dus kan de beoordeling alleen goed zijn (als het rekeningjaar boven de 0 uitkomt), of onvoldoende (als het rekeningjaar onder de 0 uitkomt). Bij de jaarrekening geldt deze beoordeling overigens alleen voor de cijfermatige uitkomst van het kengetal. Voor de structurele exploitatieruimte geldt de streefnorm: de structurele exploitatieruimte van Wageningen is minimaal 0%.

Financiële positie

Terug naar navigatie - Financiële samenvatting - Financiële positie

De beschikbare weerstandscapaciteit is het geheel aan middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken.
In onderstaande tabel is te zien hoe de beschikbare weerstandscapaciteit zich in 2025 heeft ontwikkeld:

Onderdeel (x € 1.000) Rekening 2025
Algemene Reserve 13.840
Onvoorziene uitgaven 21
Positieve saldi 11.672
Totaal 25.533
Ondergrens 5.000
Bovengrens 7.500
Weerstandscapaciteit 7.500

Weerstandsvermogen

Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. Deze ratio geeft weer in welke mate financiële risico’s kunnen worden opgevangen en geeft daarmee inzicht in de robuustheid van de begroting en de financiële weerbaarheid van de gemeente. Dus op de mogelijkheden om op korte termijn financiële tegenvallers te kunnen opvangen zonder direct in de begroting en de beleidsambities te hoeven ingrijpen.
Het weerstandsvermogen wordt berekend door de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de benodigde weerstandscapaciteit. Per 31 december 2025 bedraagt het weerstandsvermogen:

Onderdeel Rekening 2025
Beschikbare weerstandscapaciteit 7.500
Benodigde weerstandscapaciteit 7.395
Weerstandsvermogen 1,01
Kwalificatie weerstandsvermogen Ruim voldoende

Als norm is gesteld dat het weerstandsvermogen tenminste 1,0 (kwalificatie ‘Ruim voldoende’) moet bedragen. Aan deze norm wordt op 31 december 2025 voldaan, met een ratio van 1,01 met bijbehorende kwalificatie ‘Ruim voldoende’. 

Overige financiële kengetallen

In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van een aantal belangrijke financiële kengetallen. De wettelijk verplichte kengetallen zijn: netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen), solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. De kapitaallastenratio is een eigen kengetal van gemeente Wageningen.

Financiele Kengetallen Rekening 2024 Begroting 2025 Rekening 2025
Netto schuldquote 18,3% 31,9% 16,9%
Netto schuldquote gecorrigeerd 11,8% 29,0% 8,0%
Solvabiliteitsratio 47,8% 46,5% 52,5%
Structurele exploitatieruimte 9,1% 7,4% 8,4%
Grondexploitatie 6,4% 0,5% 5,3%
Belastingcapaciteit 95,1% 86,7% 86,7%
Kapitaallastenratio 2,5% 3,1% 3,0%

Toelichting bij de kengetallen

Per kengetal geven we hieronder aan hoe het zich verhoudt tot de (streef)norm. Om de inzichtelijkheid te vergroten, begint ieder kengetal met een korte uitleg.

Netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Om duidelijk te maken wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast, wordt de netto schuldquote berekend zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Voor het kengetal Netto schuldquote, zonder en met correctie, geldt de norm: Wageningen valt altijd in de categorie < 90.

De solvabiliteitsratio
Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen (balanstotaal). Voor het kengetal solvabiliteitsratio wordt uitgegaan van de volgende norm: Wageningen scoort niet lager dan 30%.
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen op de lange termijn te voldoen. De solvabiliteitspositie geeft een indicatie van het aanwezige buffervermogen om financiële risico’s en tekorten in de toekomst op te kunnen vangen.

Structurele exploitatieruimte
Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten.
Bij een jaarrekening is er geen sprake van een raming na het rekeningjaar. Dus kan de beoordeling alleen goed zijn (als het rekeningjaar boven de 0 uitkomt), of onvoldoende (als het rekeningjaar onder de 0 uitkomt). Bij de jaarrekening geldt deze beoordeling overigens alleen voor de cijfermatige uitkomst van het kengetal. Voor de structurele exploitatieruimte geldt de streefnorm: de structurele exploitatieruimte van Wageningen is minimaal 0%.

Grondexploitatie
Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Voor het kengetal Grondexploitatie wordt uitgegaan van de volgende norm: Wageningen valt altijd in de categorie < 20%.

Belastingcapaciteit
De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente is ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De definitie van belastingcapaciteit is hier: woonlasten van een meerpersoonshuishouden, opgebouwd uit OZB, afvalstoffen- en rioolheffing. Voor het kengetal Belastingcapaciteit geldt de streefnorm: de Wageningse belastingcapaciteit is nooit hoger dan 105%.

Kapitaallastenratio
De kapitaallastenratio is de verhouding van de kapitaallasten ten opzichte van de totale exploitatielasten. Dit is een eigen kengetal van gemeente Wageningen. Voor het kengetal kapitaallastenratio geldt een voorlopige norm van maximaal 12%.