Kernboodschap
De Berap voorjaar 2026 laat per saldo een nadeel zien van € 561.000. Dat saldo ontstaat uit grote tegengestelde bewegingen. Programma 1 sluit af met een nadeel van € 200.000. Programma 2 laat een nadeel zien van € 1.622.000. Programma 3 laat juist een voordeel zien van € 1.261.000. De algemene uitkering zorgt voor het grootste voordeel, terwijl de grootste nadelen zitten in klimaat- en energiebeleid, beheer van de openbare ruimte, armoedebestrijding, Wmo/jeugd en organisatiekosten.
De rapportage blijft een afwijkingenrapportage. Ontwikkelingen die binnen de begroting blijven of volgens planning verlopen, zijn niet afzonderlijk toegelicht. De financiële verwerking loopt via het bijbehorende raadsvoorstel met begrotingswijziging.
Financieel beeld in één oogopslag
• Programma 1 Wageningen Sociaal: € 200.000 nadeel. De grootste bewegingen zitten binnen vluchtelingenbeleid, armoedebestrijding, Wmo en jeugd.
• Programma 2 Wageningen Fysiek: € 1.622.000 nadeel. De grootste bewegingen zitten bij klimaat en energie, beheer van de openbare ruimte, mobiliteit en volkshuisvesting.
• Programma 3 Bestuur & Organisatie: € 1.261.000 voordeel. Het voordeel komt vooral door de hogere algemene uitkering. Daartegenover staan hogere organisatiekosten en een lagere dividendopbrengst van BNG.
Totaal Berap voorjaar 2026: € 561.000 nadeel.
Belangrijkste bestuurlijke ontwikkelingen
In het sociaal domein is het saldo beperkt, maar de onderliggende bewegingen zijn groot. De hogere bekostiging voor vluchtelingenbeleid levert een belangrijk voordeel op. Tegelijkertijd vragen armoedebestrijding, Wmo en jeugd om extra middelen. Vooral het Maatschappelijk Meedoen Budget vraagt aandacht, omdat het tekort structureel is en kan oplopen bij een hoger bereik.
In het fysieke domein stijgen de lasten vooral door klimaat- en energiebeleid, beheer van de openbare ruimte en mobiliteit. Een deel van deze mutaties is budgettair neutraal of hangt samen met rijksmiddelen en reserves. Bestuurlijk relevant is dat de begroting op beheer, onderhoud en verduurzaming realistischer wordt geraamd.
Bij Bestuur & Organisatie ontstaat een voordeel door de algemene uitkering. Dit voordeel is niet volledig vrije ruimte: een belangrijk deel hangt samen met middelen voor klimaat- en energiebeleid. Daarnaast zijn er structurele nadelen door lagere BNG-dividendopbrengsten, hogere WGA-lasten en hogere WKR-eindheffing.
Naast exploitatiemutaties bevat deze Berap meerdere kredietaanvragen en reservemutaties. Belangrijk zijn onder meer het versneld verledden van openbare verlichting, de verduurzaming van De Aanloop, investeringen in speelplekken en materieel, de aanpassing van het Havenkantoor, investeringen op de begraafplaats en ICT-voorzieningen voor raad en rekenkamer.
Rechtmatigheid: contracten niet Europees aanbesteed
Uit de over 2025 uitgevoerde spendanalyse blijkt, rekening houdend met de contractuele verplichtingen voor 2026, een totale onrechtmatigheid van € 2,6 miljoen. Er liepen 11 contracten van personele inhuur die ten onrechte niet Europees zijn aanbesteed terwijl dat wel had gemoeten. Inmiddels zijn 6 van deze 11 contracten beëindigd.
In een aantal gevallen is er sprake van contracten die al in eerdere jaren zijn gestart en die in 2025 nog doorliepen. Een deel daarvan is inmiddels beëindigd, maar levert een onrechtmatigheid op, die in 2025 nog verantwoord moest worden. In algemene zin is te concluderen dat de meeste onrechtmatigheden ontstaan bij verlengingen als gevolg van langere doorlooptijden dan initieel gepland. Dit is een belangrijk aspect om bij het aangaan van nieuwe contracten op voorhand goed in te schatten.
In de Berap najaar wordt de uitkomst van de toetsing van de rechtmatigheid van aanbestedingen over het eerste halfjaar van 2026 uiteengezet.
Risico’s en onzekerheden
De financiering van opvang voor verschillende doelgroepen kan in 2026 wijzigen door de voorgenomen doelgroepflexibele regeling. De financiële gevolgen zijn nog onvoldoende duidelijk.
De structurele doorwerking van het Maatschappelijk Meedoen Budget en de kostenontwikkeling binnen jeugd, Wmo en regionale samenwerkingsverbanden blijven aandachtspunten voor het meerjarenbeeld.
Bij beheer, onderhoud en investeringen in de fysieke leefomgeving blijft het risico bestaan dat marktomstandigheden, areaaluitbreiding en prijsontwikkeling sneller stijgen dan de beschikbare budgetten.
De BUIG-middelen worden in deze Berap budgetneutraal verwerkt. Het is nog onzeker of de extra rijksbijdrage voldoende is om de stijgende uitkeringslasten volledig op te vangen. Dit wordt opnieuw beoordeeld in de Berap najaar en de slotwijziging.
Vervolg
De raad wordt gevraagd de financiële effecten uit deze rapportage via het afzonderlijke raadsvoorstel en de bijbehorende begrotingswijziging te verwerken in de begroting 2026. De verdere ontwikkeling van risico’s, onzekerheden en structurele effecten wordt betrokken bij de Berap najaar 2026, de slotwijziging en de voorbereiding van de Programmabegroting 2027.
Hieronder ziet u het financiële effect als de begrotingswijziging bij deze Berap wordt vastgesteld.
| Bedragen x € 1.000 (- is nadelig) | Begroting 2026 |
|---|---|
| Primitieve Begroting 2026 | 2.896 |
| 1e Begrotingswijziging 2026 | -367 |
| Begrotingsuitkomst na 1e Begrotingswijziging 2026 | 2.529 |
| Mutaties Bestuursrapportage Voorjaar 2025 | -1.082 |
| Begrotingsuitkomst na Bestuursrapportage Voorjaar 2026 | 1.447 |