Met deze begrotingswijziging zet het college de eerste stappen in de uitvoering van het coalitieakkoord. De rode draad is verbinden, versterken en vernieuwen: investeren in een sociale en inclusieve stad, ruimte maken voor wonen en voorzieningen en de uitvoeringskracht vergroten.
Tegelijk begint de bestuursperiode in een context van schaarste aan geld, mensen en ruimte. Daarom kiest het college gericht wat nu moet starten en wat eerst verder moet worden voorbereid.
Hoofdstuk 2 licht de inhoudelijke voorstellen toe. Per voorstel geven we aan wat we verwachten dat het kost in 2027. We hebben de voorstellen in drie paragrafen gecategoriseerd:
- 2.1 Ambities die nu in 2027 om extra middelen vragen;
- 2.2 Ambities waarvan we verwachten dat we deze in 2027 kunnen uitvoeren binnen financiële kaders;
- 2.3 Ambities die we eerst verder uitwerken. Hiervan weten we op dit moment onvoldoende of en wanneer het om extra middelen vraagt.
Hoofdstuk 3 beschrijft de financiële ruimte die ontstaat door de begroting op basis van recentere gegevens realistischer te ramen.
Hoofdstuk 4 maakt de aansluiting zichtbaar tussen de saldi uit de Programmabegroting 2027 en de nieuwe saldi na deze wijziging.
Daarbij blijven het reguliere en het structurele begrotingssaldo nadrukkelijk van elkaar onderscheiden.